Want volgens een wet van de gewijde keizer Antoninus wordt bepaald, dat hij, die zijn slaaf zonder grond heeft gedood, niet minder aansprakelijk wordt gesteld dan hij, die een slaaf van iemand anders heeft gedood. Maar ook een te grote hardvochtigheid van meesters wordt door een constitutie van dezelfde keizer beteugeld; want [...] indien de strengheid van de meesters ondragelijk schijnt, mogen dezen worden gedwongen hun slaven te verkopen. En beide constituties zijn rechtvaardig, want wij moeten ons recht niet misbruiken; om die reden wordt ook aan verkwisters het beheer over hun vermogen ontzegd.Met andere woorden, behandel je slaven goed, want je moet je vermogen niet over de balk gooien. We hebben hier een voorbeeld van een modern ogende wet waar een heel ander idee achter zit dan je zou denken. Al zouden de slaven hier vast heel blij mee zijn geweest.
Posts tonen met het label wetgeving. Alle posts tonen
Posts tonen met het label wetgeving. Alle posts tonen
donderdag 19 december 2013
Slaven over de balk gooien
Een paar maanden geleden kwamen de Wetten van Hammurabi uit de 18e eeuw v.Chr. aan bod. Daarin kwam naar voren dat de positie van vrouwen, in het bijzonder: dochters, heel anders was dan tegenwoordig. Vandaag kijken we weer naar de wetten rondom slavernij in de Romeinse tijd, zoals die zijn opgetekend door de Romeinse jurist Gaius (±110 - ±180 n.Chr.). Gaius besteedt aandacht aan een wetswijziging van de keizer Antoninus Pius (86 - 161 n.Chr.) die de positie van slaven verbeterde door te stellen dat het mishandelen en doden van je eigen slaven ook gevolgen zou hebben. Dit was echter niet (louter) uit medelijden voor deze slaven, zo blijkt uit Gaius' werk (Instituten I.53):
vrijdag 15 november 2013
Uiteindelijk loop je dan in een cirkeltje
Een paar maanden geleden besprak ik een wet die beperkte hoeveel slaven een persoon kon vrijlaten bij zijn overlijden. Vandaag lezen we een klein stukje verder in het wetboek van de Romeinse jurist Gaius (±110 - ±180 n.Chr.). Romeinen zouden namelijk geen Romeinen zijn als ze niet iets praktisch zouden hebben bedacht om de wet te omzeilen zonder hem te breken. Er volgde waarschijnlijk snel een wet op en Gaius tekent die op (Instituten I.46.):
Boekentip voor vandaag
Gaius, The Commentaries of Gaius
Want ook, wanneer bij testament de vrijheid is geschonken aan slaven, wier naam in een cirkel zijn geschreven, zullen zij, omdat geen volgorde van vrijlating wordt aangegeven, geen van allen vrij zijn.Een opmerkelijke manier van ontwijking van de wet. Kennelijk was het voor deze wet (de lex Fufia Caninia) gebruikelijk dan de eigenaar van een slaaf namen van meer dan het aantal slaven dat hij mocht vrijlaten in een cirkel opschreef. Wie waren dan de eerste 500? Vermoedelijk zijn en op die manier aardig wat slaven tussendoor geglipt. Uiteindelijk was het dan ook wel weer Romeins om er iets simpels op te bedenken.
Boekentip voor vandaag
Gaius, The Commentaries of Gaius
dinsdag 22 oktober 2013
De Grote Ommezwaai
Soms gebeurt er iets in het leven van iemand waardoor deze persoon onherkenbaar verandert of de indruk wekt dat te doen. Voorbeelden zijn de Romeinse keizer Caligula (12 - 41 n.Chr.) die na een ziekbed de mad emperor waar we allemaal zo dol op zijn, werd en de apostel Paulus (3 -64/67 n.Chr.) die na een visioen (mogelijk een zware epilepsie-aanval) aan de christelijke kant van de wereld kwam te staan.
Een minstens even grote ommezwaai kunnen we plaatsen bij de Indiase koning Asoka de Grote (304 - 232 v.Chr.). Volgens de bronnen (voor wie Sanskriet kan lezen: klik) was de koning aanvankelijk nogal een wrede en bloeddorstige man. Zo verbrandde hij zijn harem levend omdat er daar opmerkingen over zijn uiterlijk vandaan kwamen en had hij een alleraardigst martelcomplex laten bouwen voor zijn gasten. Asoka moest je te vriend houden.
Zoals echter wel vaker gebeurt, Asoka kwam tot inkeer en niet zo'n beetje ook, want hij bekeerde zich tot het Boeddhisme. De vredelievende ideeën van deze religie deden hem duidelijk goed. Het moge duidelijk zijn dat zijn bijnaam De Grote uit zijn latere regeerperiode stamt, al kun je je afvragen of dit allemaal niet een beetje overdreven is, de andere kant op. Asoka liet een aantal van zijn opvattingen optekenen in edicten die gelukkig wel in vertaling te vinden zijn. Eentje daarvan geeft de complete ommezwaa van de koning weer (De Veertien Rotsedicten 2):
Boekentip voor vandaag:
The Edicts of Asoka
Een minstens even grote ommezwaai kunnen we plaatsen bij de Indiase koning Asoka de Grote (304 - 232 v.Chr.). Volgens de bronnen (voor wie Sanskriet kan lezen: klik) was de koning aanvankelijk nogal een wrede en bloeddorstige man. Zo verbrandde hij zijn harem levend omdat er daar opmerkingen over zijn uiterlijk vandaan kwamen en had hij een alleraardigst martelcomplex laten bouwen voor zijn gasten. Asoka moest je te vriend houden.
De rots waar Asoka zijn inscripties op liet zetten
Bron: Wikipedia
Zoals echter wel vaker gebeurt, Asoka kwam tot inkeer en niet zo'n beetje ook, want hij bekeerde zich tot het Boeddhisme. De vredelievende ideeën van deze religie deden hem duidelijk goed. Het moge duidelijk zijn dat zijn bijnaam De Grote uit zijn latere regeerperiode stamt, al kun je je afvragen of dit allemaal niet een beetje overdreven is, de andere kant op. Asoka liet een aantal van zijn opvattingen optekenen in edicten die gelukkig wel in vertaling te vinden zijn. Eentje daarvan geeft de complete ommezwaa van de koning weer (De Veertien Rotsedicten 2):
Overal in het domein van de door de goden geliefde koning Piyadasi [bijnaam van Asoka: "hij die met vriendelijkheid naar alles kijkt"] en [een aantal andere gebieden], overal heeft de door de goden geliefde koning Piyadasi voorzieningen getroffen voor twee soorten medische behandeling: medische behandeling voor mensen en medische behandeling voor dieren. Wanneer kruiden met medicinale werking die geschikt zijn voor mensen of dieren niet voorhanden zijn, heb ik ze laten aanvoeren en ze geplant. Wanneer wortels en vruchten met medicinale werking niet voorhanden zijn, heb ik ze laten importeren en geplant. Langs de wegen heb ik putten gegraven en bomen geplant zodat mensen en dieren daar hun voordeel uit kunnen halen.Van iemand die zijn harem in brand stak naar dezelfde persoon die zijn volk opdraagt gewonde dieren te verzorgen met door hem aangeleverde en geïmporteerde buitenlandse boomwortels, het kan verkeren.
Boekentip voor vandaag:
The Edicts of Asoka
donderdag 26 september 2013
Mag ik nu priester worden?
Eerder hebben we gezien dat de Babylonische koning Hammurabi (±1795 - ±1750 v.Chr.) in zijn wetten vastlegde dat het laakbaar is als iemand door het verwaarlozen van zijn dammen de landerijen van iemand anders door overstroming laat vernielen. Een mooi voorbeeld van een wet die ontstaat omdat gedrag van mensen (het verwaarlozen van het onderhoud aan een dam) negatieve gevolgen opleverde (vernielde oogst met alle gevolgen van dien). Als de overheid daar wat aan kan doen en de baten zijn groter dan de lasten, krijg je wetgeving.
Met dit principe in het achterhoofd is het interessant eens te kijken naar misschien wel hét document uit de geschiedenis van het christendom. Laten we het voor het gemak de notulen van het Eerste Concilie van Nicaea (325 n.Chr.) noemen. Naar aanleiding van onenigheid aangaande de positie van God de Vader en diens Zoon, riep de heersende keizer Constantijn (±280 - 337 n.Chr.) de hele christelijke wereld (aan bischoppen met een aantal helpers) bijeen in Nicaea, in het huidige West-Turkije. Omdat toch iedereen er was, werd besloten om onder leiding van de keizer een heleboel doctrinaire conflicten te beslechten. Constantijn had een gruwelijke hekel aan verdeeldheid in de kerk, dus was dit zijn kans.
Gedurende het Concilie kwam een breed scala aan de orde. Het Arrianisme werd afgewezen als ketters. Daarnaast kwamen zoals gezegd andere zaken aan bod. Het allereerste besluit (Canon) van de wijze bisschoppen behelst de mogelijkheid aan te blijven tussen de geestelijkheid, wanneer sprake is van een bepaalde fysieke toestand (Canon 1):
Boekentip voor vandaag:
Lewis Ayres, Nicaea and its Legacy
Met dit principe in het achterhoofd is het interessant eens te kijken naar misschien wel hét document uit de geschiedenis van het christendom. Laten we het voor het gemak de notulen van het Eerste Concilie van Nicaea (325 n.Chr.) noemen. Naar aanleiding van onenigheid aangaande de positie van God de Vader en diens Zoon, riep de heersende keizer Constantijn (±280 - 337 n.Chr.) de hele christelijke wereld (aan bischoppen met een aantal helpers) bijeen in Nicaea, in het huidige West-Turkije. Omdat toch iedereen er was, werd besloten om onder leiding van de keizer een heleboel doctrinaire conflicten te beslechten. Constantijn had een gruwelijke hekel aan verdeeldheid in de kerk, dus was dit zijn kans.
Gedurende het Concilie kwam een breed scala aan de orde. Het Arrianisme werd afgewezen als ketters. Daarnaast kwamen zoals gezegd andere zaken aan bod. Het allereerste besluit (Canon) van de wijze bisschoppen behelst de mogelijkheid aan te blijven tussen de geestelijkheid, wanneer sprake is van een bepaalde fysieke toestand (Canon 1):
Als iemand die ziek is onderhevig is geweest aan een operatieve ingreep van een arts of als hij is gecastreerd door barbaren [buitenlanders], laat hem dan onder de geestelijkheid blijven; maar als iemand in goede gezondheid zichzelf heeft gecastreerd, dan betaamt het dat zo iemand, als hij lid is van de geestelijkheid, zijn taken dient te staken en dat van nu af aan zo iemand niet meer dient te worden gepromoveerd.[...]De problemen die self-castrated mensen veroorzaken, die moet je niet onderschatten...
Boekentip voor vandaag:
Lewis Ayres, Nicaea and its Legacy
woensdag 18 september 2013
Hoe krijg je je dochter geëxecuteerd?
Eén van de belangrijkste principes die ten grondslag liggen aan onze moderne ideeën van gerechtigheid is het gelijkheidsprincipe. Gelijke monniken, gelijke kappen. Een situatie waar het in juridische zin uitmaakt of je Jantje dan wel Pietje vermoordt, kunnen we ons niet voorstellen en wanneer de zwakkere wordt onderdrukt door de sterkere, is het geen uitgemaakte zaak dat de sterkere wint. Een ander principe is dat iedereen verantwoordelijk voor zijn/haar eigen daden is. Wanneer iemand anders dan de misdadiger bestraft wordt voor een misdaad, dan vinden we dat onterecht.
Er is wel een tijd geweest dat hier anders tegenaan gekeken werd. Zo worden beide principes in de eerder besproken Code van Hammurabi uit de 18e eeuw v.Chr. met voeten getreden (Code van Hammurabi 209-214):
Boekentip voor vandaag:
Hammurabi, The Oldest Code of Laws in the World
Er is wel een tijd geweest dat hier anders tegenaan gekeken werd. Zo worden beide principes in de eerder besproken Code van Hammurabi uit de 18e eeuw v.Chr. met voeten getreden (Code van Hammurabi 209-214):
Als een man een vrijgeboren vrouw slaat, waardoor ze haar ongeboren kind verliest, dan moet hij tien shekels betalen voor haar verlies.De wetten maken sterk onderscheid tussen drie verschillende niveaus van mensen met elk een eigen waarde en duidelijk is dan een vrouw een bezit is. Wanneer je iemands dochter dood, word je zelf niet bestraft, maar wordt je dochter geëxecuteerd. Destijds was dat gangbaar.
Als de vrouw sterft, zal zijn [van degene die de vrouw geslagen heeft] dochter geëxecuteerd worden.
Als een vrouw van een vrije klasse [lager dan de eerstgenoemde] haar kind verliest door een klap, zal hij vijf shekels in geld betalen.
Als de vrouw sterft, betaalt hij een halve mina [een veelvoud een shekel].
Als hij een slavin van een man slaat en zij verliest haar kind, zal hij twee shekels betalen.
Als deze slavin sterft, betaalt hij één derde van een mina.
Boekentip voor vandaag:
Hammurabi, The Oldest Code of Laws in the World
vrijdag 6 september 2013
Slaven vrijlaten
Eerder hebben we gezien dat aan de status van slaven in de Romeinse samenleving één en ander was dichtgetimmerd. Een slavenmaatschappij vergt nog wel een aantal regels voor de omgang met dit specifieke soort eigendommen. Een slaaf kun je kopen, verkopen, gebruiken, in sommige gevallen kun je hem vernietigen. In die zin is een slaaf niet zoveel meer dan een gereedschap zónder stem. Waar een slaaf echt anders in is, is dat je hem kunt vrijlaten.
Boekentip voor vandaag
Gaius, The Commentaries of Gaius
Vrijlaten vond vaak plaats wanneer de meester meende er een reden voor te hebben, maar het gebeurde ook regelmatig dat een slaaf bij testament vrijgelaten werd bij het overlijden van de meester. Om dit fenomeen in goede banen te leiden is in 2 v.Chr. de Lex Fufia Caninia ingesteld. Volgens de Romeinse jurist Gaius (±110 - ±180 n.Chr.) stelt deze wet het volgende (Instituten I.43):
Want degene die meer dan twee en niet meer dan tien slaven heeft, mag hoogstens de helft van dat aantal vrijlaten; hij daarentegen, die meer dan tien en niet meer dan dertig slaven heeft, mag hoogstens een derde deel daarvan vrijlaten. Degene die er echter meer dan dertig en niet meer dan honderd heeft, wordt de bevoegdheid verleend tot vrijlating van hoogstens een vierde deel. Tenslotte mag hij, die er meer dan honderd en niet meer dan vijfhonderd heeft, niet meer dan een vijfde vrijlaten; en er wordt geen rekening gehouden met iemand die er meer dan vijfhonderd heeft, opdat een breukdeel van dat aantal wordt vastgesteld, doch de wet schrijft voor dat niemand er meer dan honderd mag vrijlaten. Maar wanneer iemand in het geheel een of twee slaven heeft, is de wet hierop niet van toepassing en heeft hij derhalve de vrije bevoegdheid tot vrijlaten.
Het feit dat er een wet was die het aantal vrijgelaten slaven beperkte, is op zichzelf al interessant. Aangenomen wordt dat dit vooral sociale redenen had. Door de positie van slaven en vrijgelatenen vast te stellen in de wet, hoopten ze te voorkomen dat er nog veel slavenopstanden zoals die van Spartacus zouden komen. Tenminste, zo werd het gepresenteerd, maar het zit allemaal veel meer in de volksaard van de Romeinen. Romeinen hadden namelijk nogal de neiging op te scheppen over hun goede eigenschappen. Door in je testament honderden slaven vrij te laten, toonde je hoe rijk je was en hoe menselijk je was. Van dit prestige kon je zoon dan de vruchten plukken. Keizer Augustus (63 v.Chr. - 19 n.Chr.) die ten tijde van deze wet aan de macht was, probeerde vooral dát te voorkomen.
Boekentip voor vandaag
Gaius, The Commentaries of Gaius
dinsdag 30 juli 2013
Wees een brave slaaf
Eén van de nog nauwelijks besproken stukken van de erfenis van de Romeinen in de Westerse wereld is het Romeinse recht. De Romeinen hadden een belangrijke traditie waar het om juridische werken gaat. Eén van de bekendste personen uit de late Romeinse Republiek, Marcus Tullius Cicero (106 - 43 v.Chr.), was van huis uit ook jurist en van zijn hand als strafpleiter zijn een flink aantal toespraken bekend, waaronder de eerder genoemde rechtzaak tegen Lucius Sergius Catilina (108 - 64 v.Chr.).
Vandaag ga ik het echter hebben over een heel ander stuk Romeins recht, het burgerlijk recht (niet te verwarren met burgerrecht). Romeinen vonden het namelijk ook erg leuk om allerlei dingen in wetten vast te leggen en om de zoveel tijd werden hiervan bundels gemaakt die gebruikt werden in het onderwijs. Een voorbeeld hiervan is het werk van de jurist Gaius (±110 - ±180 n.Chr.). hij schreef rond het jaar 161 n.Chr. zijn Instituten waarin hij allerlei wetten en regels noemt, waaronder het personenrecht. De belangrijkste distinctie onder personen is dat ze ofwel vrij zijn, ofwel slaven. Onder de slaven waren er nog verschillende soorten, waarvan de overgegeven buitenlanders (peregrini dediticii) de soort met de minst hoge status waren. Gaius zegt daarover (Instituten I.13):
Boekentip voor vandaag
Gaius, The Commentaries of Gaius
Vandaag ga ik het echter hebben over een heel ander stuk Romeins recht, het burgerlijk recht (niet te verwarren met burgerrecht). Romeinen vonden het namelijk ook erg leuk om allerlei dingen in wetten vast te leggen en om de zoveel tijd werden hiervan bundels gemaakt die gebruikt werden in het onderwijs. Een voorbeeld hiervan is het werk van de jurist Gaius (±110 - ±180 n.Chr.). hij schreef rond het jaar 161 n.Chr. zijn Instituten waarin hij allerlei wetten en regels noemt, waaronder het personenrecht. De belangrijkste distinctie onder personen is dat ze ofwel vrij zijn, ofwel slaven. Onder de slaven waren er nog verschillende soorten, waarvan de overgegeven buitenlanders (peregrini dediticii) de soort met de minst hoge status waren. Gaius zegt daarover (Instituten I.13):
Door de lex Aelia Sentia [een wet] wordt bepaald dat slaven die door hun meesters als straf geboeid of gebrandmerkt zijn of wegens een delict op de pijnbank ondervraagd en veroordeeld zijn of die zijn uitgeleverd om met mensen of wilde beesten te vechten of die aan een gladiatorenschool zijn uitgeleverd of in de gevangenis zijn geworpen, dan zullen ze, als ze later door dezelfde of een andere meester worden vrijgelaten, in dezelfde rechtspositie komen als de peregrini dediticii.Afhankelijk van wat voor soort slaaf je bent, kun je na vrijlating een bepaalde positie innemen in de maatschappij. Dan moest je je wel netjes gedragen.
Boekentip voor vandaag
Gaius, The Commentaries of Gaius
zaterdag 8 juni 2013
Hij stal een appel! Onthoofd hem!
De Atheense democratie is niet van de ene op de andere dag gevestigd. Van een situatie waar een aantal rijke families de macht hebben naar eentje waarin alle Atheense burgers (overigens was dit ook lang niet iedereen in de polis) de beslissingen maken, daar is een hele tijd overheen gegaan. Vaak worden bij de ontwikkeling van de democratie twee namen genoemd: de eerder genoemde Solon (±640 - ±560 v.Chr.) en Cleisthenes (±570 - ±507 v.Chr.). Hier wordt echter een belangrijke naam vergeten, Draco (7e eeuw v.Chr.).
Draco is de man achter het woord "Draconisch" en dat was omwille van een aantal wetten die hij vaststelde (of die hij opschreef hoewel ze al wel gebruikt werden). Deze wetten waren op veel fronten heel eenvoudig: als je wat verkeerd deed, werd je ter dood gebracht. Toen Solon later zijn wetten bracht, verklaarde hij als eerste vrijwel alle wetten van Draco ongeldig. Dat doodstraf-verhaal voor het stelen van een appel was ook wel heel... draconisch. De Griekse biograaf Plutarchus (±46 - minstens 120 n.Chr) kenschetst de wetten op de volgende manier (Solon 17):
Boekentip voor vandaag:
Plutarchus, Lives of Solon, Pericles, and Philop Men
Draco is de man achter het woord "Draconisch" en dat was omwille van een aantal wetten die hij vaststelde (of die hij opschreef hoewel ze al wel gebruikt werden). Deze wetten waren op veel fronten heel eenvoudig: als je wat verkeerd deed, werd je ter dood gebracht. Toen Solon later zijn wetten bracht, verklaarde hij als eerste vrijwel alle wetten van Draco ongeldig. Dat doodstraf-verhaal voor het stelen van een appel was ook wel heel... draconisch. De Griekse biograaf Plutarchus (±46 - minstens 120 n.Chr) kenschetst de wetten op de volgende manier (Solon 17):
[Solon maakte de wetten van Draco bijna allemaal ongedaan] want één straf was aangewezen voor bijna alle vergrijpen, namelijk de dood, zodat zelfs zij die veroordeeld waren voor luiheid ter dood werden gebracht, en zij die salade of fruit stalen ontvingen dezelfde straf als zij die veroordeeld werden voor heiligschennis of moord. Om die reden sloeg Demades [een redenaar uit de 4e eeuw v.Chr.] de spijker op de kop door te stellen dat Draco's wetten niet waren geschreven in inkt, maar in bloed. En Draco zelf, zegt men, toen hem gevraagd werd waarom hij voor de meeste vergrijpen de doodstraf voor ogen had, antwoordde dat hij vond dat de kleinere het verdienden en dat hij voor de grotere geen zwaardere straf kon bedenken.De wetten van Draco waren zeer streng en Solon stripte ze daarom toen hij zijn gematigdere wetten doorvoerde. Dit neemt echter niet het belang van de wetten van Draco weg, want het was Draco die als eerste wetten opschreef. Hierdoor was het machtsspelletje van rijken en machtigen over de interpretatie van wetten opeens een stuk moeilijk, een belangrijke basis voor democratie, al hebben veel citroendieven en luiwammesen dat met hun leven moeten bekopen.
Boekentip voor vandaag:
Plutarchus, Lives of Solon, Pericles, and Philop Men
Labels:
Athene,
biografie,
Draco,
Griekenland,
Plutarchus,
Solon,
wetgeving
zaterdag 19 januari 2013
Kan kun je alleen "helaas" zeggen
In mei vorig jaar besprak ik het Epos van Gilgamesh, één van de belangrijkste stukken literatuur uit de geschiedenis. Opmerkelijk was dat de koning, ook al was hij voor tweederde een god, niet zomaar zijn wil kon doordrammen tegen de wil van de elitelaag van de bevolking in. Vandaag blijkt dat er toch ontwikkelingen waren. De elite in de Mesopotamische stad Lagash begon zich bezig te houden met machtsmisbruik. Dat weten we omdat er een staatsgreep plaatsvond van iemand die zich tegen het machtsmisbruik keerde op een manier die aan de Rechten van de Mens doet denken.
De man die de macht overnam, dat was Uruinimgina (of Urukagina) (24e eeuw v.Chr.). Hij is bekend geworden als de eerste sociale hervormer, want hij vaardigde wetten uit die wat zouden moeten doen tegen de misstanden. Uruinimgina vertelt in zijn wettekst eerst dat er al een hele tijd, vanaf de tijd die we ons al niet meer kunnen herrinneren, scheve machtsverhoudingen waren. Het kon het voorkomen dat vissers van hun vangst werden beroofd, of zoals Uruinimgina verklaart (zij boekentip, online niet vindbaar):
Boekentip voor vandaag:
K.R. Veenhof, Schrijvend Verleden
De man die de macht overnam, dat was Uruinimgina (of Urukagina) (24e eeuw v.Chr.). Hij is bekend geworden als de eerste sociale hervormer, want hij vaardigde wetten uit die wat zouden moeten doen tegen de misstanden. Uruinimgina vertelt in zijn wettekst eerst dat er al een hele tijd, vanaf de tijd die we ons al niet meer kunnen herrinneren, scheve machtsverhoudingen waren. Het kon het voorkomen dat vissers van hun vangst werden beroofd, of zoals Uruinimgina verklaart (zij boekentip, online niet vindbaar):
Wanneer een arme man een fuik zette, nam men gewoonlijk de vis erin af; die man kon (dan alleen maar) "helaas" zeggen.Hoe los je dit soort ellende op, moet de koning gedacht hebben. In zijn grote wijsheid liet hij optekenen:
Wanneer een arme man een fuik heeft gezet, zal niemand de vis erin afnemen.Soms is het niet moeilijk. Het belang van deze wettekst zit hem dan ook niet zozeer in de maatregelen, maar in de insteek van de hele onderneming. We hebben bij Hammurabi dat er maatregelen genomen worden tegen mensen die de samenleving in de problemen brengen. Uruinimgina lijkt meer te zijn opgekomen voor de kleine man, iets dat je ruim 4000 jaar geleden niet verwacht.
Boekentip voor vandaag:
K.R. Veenhof, Schrijvend Verleden
maandag 7 januari 2013
Als je teveel betaalt, ga je eraan!
In een ecomomische crisis bekruipt je het gevoel dat er iets aan gedaan moet kunnen worden, maar het feit dat het maar niet opschiet kan dan twee dingen betekenen: ófwel degenen die er wat aan moeten doen, weten niet wat, ófwel er is sprake van onwil en mensen proberen zich ten koste van de economie in het algemeen te verrijken. Of allebei. Er worden wetten bedacht om die malafide activiteiten in de dammen, maar het schiet nog niet echt op.
In de Romeinse tijd hadden keizers de neiging het zilver- en goudgehalte van munten te verlagen zodat ze meer munten konden slaan om de legers te betalen. Dit leverde een probleem op dat de Romeinen niet goed begrepen: inflatie. Prijzen stegen en dat had zo zijn gevolgen, met name in de legers. Dit bracht de keizer Diocletianus (242 - 316 n.Chr.) ertoe in te grijpen met zijn in 301 gepubliceerde Prijsedict dat eerder in dit blog is langsgekomen, maar niet inhoudelijk is besproken.
In zijn Prijsedict legt Diocletianus de maximumprijzen van allerlei goederen en diensten vast. In de inleiding op het Edict licht hij toe waarom hij dit noodzakelijk acht. Sommige mensen zijn namelijk zó hebzuchtig dat ze de hele economie uitknijpen en naar de knoppen helpen. Hier moet iets aan gedaan worden. Diocletianus besluit hier een harde lijn in te handhaven om ervoor te zorgen dat de hebzucht van mensen de economie niet verder kan verpesten (Prijsedict alinea 13):
Boekentips voor vandaag:
Peter Temin, The Roman Market Economy
Roger Rees, Diocletian And The Tetrarchy
In de Romeinse tijd hadden keizers de neiging het zilver- en goudgehalte van munten te verlagen zodat ze meer munten konden slaan om de legers te betalen. Dit leverde een probleem op dat de Romeinen niet goed begrepen: inflatie. Prijzen stegen en dat had zo zijn gevolgen, met name in de legers. Dit bracht de keizer Diocletianus (242 - 316 n.Chr.) ertoe in te grijpen met zijn in 301 gepubliceerde Prijsedict dat eerder in dit blog is langsgekomen, maar niet inhoudelijk is besproken.
Fragment van het Edict, in het Pergamonmuseum van Berlijn
Bron: Wikipedia
In zijn Prijsedict legt Diocletianus de maximumprijzen van allerlei goederen en diensten vast. In de inleiding op het Edict licht hij toe waarom hij dit noodzakelijk acht. Sommige mensen zijn namelijk zó hebzuchtig dat ze de hele economie uitknijpen en naar de knoppen helpen. Hier moet iets aan gedaan worden. Diocletianus besluit hier een harde lijn in te handhaven om ervoor te zorgen dat de hebzucht van mensen de economie niet verder kan verpesten (Prijsedict alinea 13):
[...] we [Diocletianus en zijn medekeizers] bepalen dat als iemand het durft tegen de regels van dit statuut te handelen, hij de doodstraf zal krijgen. En laat niemand aannemen dat we ontberingen opleggen, want terughoudendheid is aanwezig en mogelijk als een veilige haven om de straf te voorkomen.Diocletianus laat het daar echter niet bij, want ook de consument heeft zo zijn verantwoordelijkheden in deze kwestie (alinea 14):
Dezelfde straf gaat ook uit naar die persoon die in zijn gretigheid om te kopen akkoord gaat met de met dit statuut strijdige hebzucht van de verkoper.Het Prijsedict roept op tot terughoudendheid, maar bleek niet te handhaven, want wie gaat over het hele rijk controleren of de wet nageleefd wordt?
Boekentips voor vandaag:
Peter Temin, The Roman Market Economy
Roger Rees, Diocletian And The Tetrarchy
woensdag 14 november 2012
Te lui om je dam te onderhouden
De afgelopen dagen heb ik het gehad over de schijnbaar moderne kanten van de Oudheid. Empedocles liet zien dat de Griekse filosofen bezig waren met iets dat een beetje lijkt op de moderne evolutietheorie en het mechanisme van Antikythera heeft in haar complexiteit iets weg van een moderne computer. Vandaag richten we ons op de geschiedenis van het recht, met één van de oudste wetteksten die ooit gevonden is, de prachtig bewaard gebleven Code van Hammurabi die te vinden is in het Louvre in Parijs.
Hammurabi (±1795 - 1750 v.Chr.) was de koning van Babylon, nabij het huidige Bagdad in Irak. Hij kreeg het voor elkaar een aantal concurrerende staatjes onder zijn controle te krijgen en vanuit Babylon te besturen. Daarvoor tekende hij keiharde en strenge wetten op in een stele. De structuur van de wettekst is er één van misdaad en gevolg. Een aantal misdaden, wanprestaties en nalatigheden wordt gekoppeld aan een specifieke straf. Op onderstaande video van de Khan Academy wordt één en ander uitgelegd.
Interessant is hier dat de wetten iets zeggen over de samenleving waarin ze te plaatsen zijn. De Babylonische samenleving was, evenals de andere gevestigde samenlevingen uit die tijd, een agrarische. Een interessant voorbeeld van een wet waar het agrarische karakter van de samenleving en de strengheid van de wetten blijkt, is wat er moet gebeuren als iemand problemen veroorzaakt met de irrigatie (Code van Hammurabi 53-54):
Hammurabi (±1795 - 1750 v.Chr.) was de koning van Babylon, nabij het huidige Bagdad in Irak. Hij kreeg het voor elkaar een aantal concurrerende staatjes onder zijn controle te krijgen en vanuit Babylon te besturen. Daarvoor tekende hij keiharde en strenge wetten op in een stele. De structuur van de wettekst is er één van misdaad en gevolg. Een aantal misdaden, wanprestaties en nalatigheden wordt gekoppeld aan een specifieke straf. Op onderstaande video van de Khan Academy wordt één en ander uitgelegd.
Interessant is hier dat de wetten iets zeggen over de samenleving waarin ze te plaatsen zijn. De Babylonische samenleving was, evenals de andere gevestigde samenlevingen uit die tijd, een agrarische. Een interessant voorbeeld van een wet waar het agrarische karakter van de samenleving en de strengheid van de wetten blijkt, is wat er moet gebeuren als iemand problemen veroorzaakt met de irrigatie (Code van Hammurabi 53-54):
Als iemand te lui is om zijn dam in goede staat te behouden en dat niet doet, als de dam dan breekt en alle velden overstromen, dan zal hij in wiens dam de breuk plaatsvond, verkocht worden voor geld en het geld zal het koren dat hij heeft verpest, vervangen.Van lamlendigheid zijn we nooit beter geworden.
Als hij niet in staat is om het koren te vervangen, zullen hij en zijn bezittingen verdeeld worden onder de boeren wiens koren is overstroomd.
vrijdag 13 juli 2012
Bomen omhakken
In de vroege Middeleeuwen werden grote delen van Europa door rondtrekkende missionarissen gekerstend (christelijk gemaakt). Een beproefde methode daarvoor was om iets te doen wat de goden nooit zouden accepteren en dan vervolgens niet bestraft te worden. Een bekend voorbeeld hiervan is Bonifatius (7e en 8e eeuw n.Chr.) die een heilige en aan de god Donar gewijde eik zou hebben omgehakt en op die manier veel volgelingen zou hebben vergaard toen Donar niet ingreep.
Dergelijk gedrag was echter doorgaans gewoon not done in de Oudheid. Er is een inscriptie bewaard gebleven van een wet die dit duidelijk strafbaar stelde en mensen wilde motiveren brekers van deze wet aan te geven bij het tempelpersoneel in het Zuiden van Griekenland (Inscriptiones Graecae V,1 1390):
Dergelijk gedrag was echter doorgaans gewoon not done in de Oudheid. Er is een inscriptie bewaard gebleven van een wet die dit duidelijk strafbaar stelde en mensen wilde motiveren brekers van deze wet aan te geven bij het tempelpersoneel in het Zuiden van Griekenland (Inscriptiones Graecae V,1 1390):
Wat betreft het hakken van hout in het Heiligdom: niemand mag hout van deze heilige plaats hakken en als iemand erop betrapt wordt, moet hij, als hij slaaf is, gegeseld worden door de heilige mannen en als hij een vrijgeborene is, dan moet hij een boete betalen waarvan de hoogte door de heilige mannen wordt bepaald. Degene die wetbrekers betrapt, moet hen naar de heilige mannen brengen en zal de helft van de boete ontvangen.Lijkt me een effectieve wet, maar de vraag is: wat krijg je als je een slaaf betrapt?
zaterdag 12 mei 2012
Verboden ondernemerschap
Gaius Flaminius Nepos (? - 217 v.Chr.) was in de Romeinse republiek een belangrijke politicus in de klassenstrijd tussen patriciërs(aristocraten) en plebejers(gewoon volk). Hij was senator en had zich niet populair gemaakt bij zijn collega's aan de top. Toen de volkstribuun (een belangrijke politieke figuur aan de kant van de plebejers) Quintus Claudius in 218 een wetsvoorstel deed om de positie van senatoren te verzwakken, was het Flaminius die het voorstel als consul door de senaat duwde (verder was niemand het ermee eens).
De Romeinse geschiedschrijver Titus Livius (59 v.Chr. - 18 n.Chr.) legt uit waar deze Lex Claudia (wet van Claudius) over ging (Vanaf de stichting van de Stad 61.63.3-5):
De Romeinse geschiedschrijver Titus Livius (59 v.Chr. - 18 n.Chr.) legt uit waar deze Lex Claudia (wet van Claudius) over ging (Vanaf de stichting van de Stad 61.63.3-5):
Hij[Flaminius] was ook gehaat bij de senatoren vanwege een wet zonder die zijn weerga niet kende die Quintus Claudius, de volkstribuun had geïntroduceerd, de tegenstand van de senaat ten spijt, met de steun van alléén Gaius Flaminius, waardoor een senator en zijn zoon geen schepen mochten bezitten met een laadvermogen van meer dan 300 kruiken [ongeveer 7 ton] - hetgeen als voldoende beoordeeld werd om de gewassen van het veld te transporteren, en al het ondernemerschap werd als onbehoorlijk voor een senator gezien. Deze maatregel die grote tegenstand genoot, was erg productief in het veroorzaken van afkeer van de edelen jegens Flaminius, die de bekrachtiging ervan had gesteund; maar het leverde hem wel de steun van het volk of en nadien een tweede consulaat [men was consul voor een periode van één jaar].Doordat Flaminius de Lex Claudia wist door te duwen, was handel juridisch onmogelijk voor senatoren. Dit betekende niet dat het niet meer gebeurde, want men huurde gewoon een slaaf in of legde een andere omweg aan om de regel te omzeilen, maar het geeft wel aan dat er in die tijd krachten bestonden in de Romeinse samenleving die de politieke elite uit de buurt van handels-ondernemerschap probeerden te houden. Tegenwoordig is dan duidelijk anders.
Abonneren op:
Posts (Atom)


