Tot 40% extra korting op winters assortiment!
Posts tonen met het label Lex Fufia Caninia. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Lex Fufia Caninia. Alle posts tonen

vrijdag 15 november 2013

Uiteindelijk loop je dan in een cirkeltje

Een paar maanden geleden besprak ik een wet die beperkte hoeveel slaven een persoon kon vrijlaten bij zijn overlijden. Vandaag lezen we een klein stukje verder in het wetboek van de Romeinse jurist Gaius (±110 - ±180 n.Chr.). Romeinen zouden namelijk geen Romeinen zijn als ze niet iets praktisch zouden hebben bedacht om de wet te omzeilen zonder hem te breken. Er volgde waarschijnlijk snel een wet op en Gaius tekent die op (Instituten I.46.):
Want ook, wanneer bij testament de vrijheid is geschonken aan slaven, wier naam in een cirkel zijn geschreven, zullen zij, omdat geen volgorde van vrijlating wordt aangegeven, geen van allen vrij zijn.
Een opmerkelijke manier van ontwijking van de wet. Kennelijk was het voor deze wet (de lex Fufia Caninia) gebruikelijk dan de eigenaar van een slaaf namen van meer dan het aantal slaven dat hij mocht vrijlaten in een cirkel opschreef. Wie waren dan de eerste 500? Vermoedelijk zijn en op die manier aardig wat slaven tussendoor geglipt. Uiteindelijk was het dan ook wel weer Romeins om er iets simpels op te bedenken.

Boekentip voor vandaag
Gaius, The Commentaries of Gaius

vrijdag 6 september 2013

Slaven vrijlaten

Eerder hebben we gezien dat aan de status van slaven in de Romeinse samenleving één en ander was dichtgetimmerd. Een slavenmaatschappij vergt nog wel een aantal regels voor de omgang met dit specifieke soort eigendommen. Een slaaf kun je kopen, verkopen, gebruiken, in sommige gevallen kun je hem vernietigen. In die zin is een slaaf niet zoveel meer dan een gereedschap zónder stem. Waar een slaaf echt anders in is, is dat je hem kunt vrijlaten.

Vrijlaten vond vaak plaats wanneer de meester meende er een reden voor te hebben, maar het gebeurde ook regelmatig dat een slaaf bij testament vrijgelaten werd bij het overlijden van de meester. Om dit fenomeen in goede banen te leiden is in 2 v.Chr. de Lex Fufia Caninia ingesteld. Volgens de Romeinse jurist Gaius (±110 - ±180 n.Chr.) stelt deze wet het volgende (Instituten I.43):
Want degene die meer dan twee en niet meer dan tien slaven heeft, mag hoogstens de helft van dat aantal vrijlaten; hij daarentegen, die meer dan tien en niet meer dan dertig slaven heeft, mag hoogstens een derde deel daarvan vrijlaten. Degene die er echter meer dan dertig en niet meer dan honderd heeft, wordt de bevoegdheid verleend tot vrijlating van hoogstens een vierde deel. Tenslotte mag hij, die er meer dan honderd en niet meer dan vijfhonderd heeft, niet meer dan een vijfde vrijlaten; en er wordt geen rekening gehouden met iemand die er meer dan vijfhonderd heeft, opdat een breukdeel van dat aantal wordt vastgesteld, doch de wet schrijft voor dat niemand er meer dan honderd mag vrijlaten. Maar wanneer iemand in het geheel een of twee slaven heeft, is de wet hierop niet van toepassing en heeft hij derhalve de vrije bevoegdheid tot vrijlaten.
Het feit dat er een wet was die het aantal vrijgelaten slaven beperkte, is op zichzelf al interessant. Aangenomen wordt dat dit vooral sociale redenen had. Door de positie van slaven en vrijgelatenen vast te stellen in de wet, hoopten ze te voorkomen dat er nog veel slavenopstanden zoals die van Spartacus zouden komen. Tenminste, zo werd het gepresenteerd, maar het zit allemaal veel meer in de volksaard van de Romeinen. Romeinen hadden namelijk nogal de neiging op te scheppen over hun goede eigenschappen. Door in je testament honderden slaven vrij te laten, toonde je hoe rijk je was en hoe menselijk je was. Van dit prestige kon je zoon dan de vruchten plukken. Keizer Augustus (63 v.Chr. - 19 n.Chr.) die ten tijde van deze wet aan de macht was, probeerde vooral dát te voorkomen.

Boekentip voor vandaag
Gaius, The Commentaries of Gaius