Tot 40% extra korting op winters assortiment!
Posts tonen met het label Marcus Velleius Paterculus. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Marcus Velleius Paterculus. Alle posts tonen

woensdag 15 mei 2013

De held verstoort de verkiezingen

Ruim een jaar geleden besprak ik een passage uit het werk van de Romeinse historicus Marcus Velleius Paterculus (±19 v.Chr - na 31 n.Chr.) die zich druk maakte over het feit dat dat een volkstribuun Cicero verbande omdat hij nit eens meer iemand zonder eerlijk proces mocht omleggen. Vandaag komen we bij een andere constitutionele opmerking van dezelfde historicus. Hij vertelt over de consul Gaius Sentius Saturninus (±60 v.Chr. - 12/14 n.Chr.) die bij afwezigheid van de keizer de opdracht kreeg om verkiezingen voor een aantal posities te runnen. Eén van de gegadigden voor de positie van praetor was Marcus Egnatius Rufus en Sentius was geen voorstander van diens kandidatuur. Velleius Paterculus vertelt (Romeinse Geschiedenis II.92.2-5):
[...] maar heel speciaal [naast een aantal andere goede dingen] vervulde hij [Sentius] de rol van consul bij het houden van verkiezingen. Want kandidaten voor de rol van praetor die hij ondermaats vond, verbood hij mee te dingen en als ze volhielden dat ze tóch doorgingen, dreigde hij met consulaire sancties als ze naar de Campus Martius [het Marsveld, de plek waar de verkiezingen werden gehouden] kwamen, en hij keerde zich ook tegen Egnatius. Deze was toen op het hoogtepunt van zijn populariteit en koesterde de hoop dat hij na zijn periode als praetor aansluitend het consulaat zou krijgen, zoals hij ook van aedile meteen praetor was geworden. Sentius verbood hem mee te dingen, maar slaagde er niet in dit door te zetten, waarna hij zwoer: al werd Egnatius met de steun van het volk tot consul verkozen, toch zou hij de man niet formeel benoemd verklaren. Dit was een actie die naar mijn mening de vergelijking aankan met ieder glansrijk optreden van consuls van vroeger. Maar ja, van nature prijzen wij liever wat we horen van anderen, dan wat we zelf zien en bekijken we het heden met scheve ogen en het verleden met blinde bewondering, want het ene overweldigt ons, geloven we, en van het andere kunnen we juist leren.
Een actie waar we een les uit kunnen trekken, dus. Het is opvallend om te zien dat Velleius Paterculus ook hier duidelijk is dat het niet om de constitutionele structuur gaat, maar om de poppetjes. Een heel ander idee van verkiezingen dan we tegenwoordig zeggen te hebben.

Boekentip voor vandaag:
Velleius Paterculus, Van Troje tot Tiberius

zondag 29 juli 2012

Duitsers als mensen behandelen

Publius Quintilius Varus (46 v.Chr. - 9 n.Chr.) was een generaal onder keizer Augustus (63 v.Chr. - 14 n.Chr.) die bekend is geworden door zijn rampzalig verlopen Slag bij het Teutoburgerwoud in het Westen van het huidige Duitsland. Deze slag verliep zó dramatisch dat de Romeinse biograaf Suetonius (69/70 - 140 n.Chr.) over Augustus het volgende schreef (Augustus 23.2):
Ze zeggen dat hij [Auigustus] zó geweldig aangedaan was [door de nederlaag] dat hij gedurende een aantal maanden noch zijn baard, nog zijn hoofdhaar knipte en soms sloeg hij met zijn hoofd tegen de deur en huilde: "Quintilius Varus, geef me mijn legioenen terug!"
Ten tijde van deze slag was Varus naast generaal ook gouverneur van de provincie waar hij zat. Deze twee functies werden doorgaans gekoppeld. De Romeinse geschiedschrijver Marcus Velleius Paterculus (19 v.Chr. - 31 n.Chr.) merkt op dat Varus niet vies was van een beetje geld. In een stijl die bij de Amerikaanse presidentsverkiezingen niet zou misstaan, kenschetst hij de gouverneur als volgt: (Romeinse Geschiedenis 117.2):
Als arm man betrad hij dat rijke gebied [Syrië], als rijk man liet hij het arm weer achter.
Volgens Velleius Paterculus was Varus verder niet kwaadwillend, maar wel een beetje naief. Zo vertelt hij direct volgend op bovenstaand citaat over wat hij van plan was te doen toen hij Germanië onder zijn hoede kreeg:
Toen hij het commando had over het leger in Germanië, zag hij de Germanen aan voor mensen, terwijl ze behalve ledematen en stem nietys menselijks hebben: met zwaard hadden ze dan niet bedwongen kunnen worden, redeneerde hij, maar via het recht konden ze beslist in het gareel worden gebracht. Met dat soort opvattingen ging hij centraal Germanië binnen, alsof hij zich begaf onder mensen die vreugde scheppen in de prettige kanten van vrede, en een heel zomerseizoen sleet hij met rechtszittingen en uitgesponnen juridische procedures.
Je moet die Duitsers ook niet gaan behandelen alsof het mensen zijn! Dan weet je wat ervan komt.

woensdag 4 april 2012

Zolang de wereld draait

Zoals eerder aangegeven, Marcus Velleius Paterculus (±19 v.Chr - na 31 n.Chr.) was een groot fan van de redenaar Marcus Tullius Cicero (106 - 43 v.Chr.). Nadeel voor Cicero was dat een aantal belangrijke mensen in zijn tijd géén grote fan waren van Marcus Tullius Cicero, waaronder Marcus Antonius (83 - 30 v.Chr.). Toen Antonius samen met Octavianus en Lepidus de feitelijke macht in Rome overnam, kwamen de belangrijkste politieke tegenstanders van het drietal op een zwarte lijst te staan. Het proscriptio (simpel gezegd een openbare veroordeling als vijand van de staat) werd tegen hem uitgesproken en op bevel van Antonius werd de redenaar gedood.


Velleius Paterculus was het hier niet mee eens en in één van de grootste stukken slijmballerij uit de Oudheid richt hij zich tot Antonius (Romeinse Geschiedenis, II.66:3-5):
Toch heb jij niets bereikt, Marcus Antonius! (Ja, ik voel me gedwongen het kader van mijn geplande werk te buiten te gaan, mijn hart bonst en trilt van verontwaardiging!) Niets, ik herhaal het, heb jij bereikt door een premie uit te loven voor het afhakken van dat luisterrijke hoofd met die hemelse stem, niets door je lugubere loon om mensen aan te stichten tot moord op de man die ooit Redder des Vaderlands was, een consul [één van de twee hoogste politieke ambten in de Republiek] van zulk formaat.Waarvan immers beroofde jij Cicero toen? Van dagen vol angst, van een oude dag en een leven dat onder jou als vorst ellendiger zou verlopen dan zijn dood was onder jou als Triumvir ["drieman," lid van het driemanschap met Octavianus en Lepidus]. Maar de roem en glorie van zijn daden en woorden, die heb jij niet weggehaald, nee, die heb je juist vergroot! Cicero leeft en zal leven in de herinnering van alle eeuwen en zolang de structuur van dit heelal (door toeval of de voorzienigheid of hoe dan ook tot stand gekomen), zolang dit universum dat hij welhaast als enige Romein voor zijn geestesoog heeft aanschouwd, met zijn verstand heeft omvat en in zijn welsprekendheid heeft belicht, overeind blijft, even lang zal het op zijn tocht door de tijd vergezeld gaan van Cicero's heerlijkheid. Alle toekomstige generaties zullen bewondering koesteren voor zijn geschriften tegen jou en zullen jouw daad jegens hem verfoeien en vervloeken; ja, sneller zal de mensheid uit de wereld zijn verdwenen dan Cicero's genie.
Zolang het heelal de huidige structuur houdt, blijven we Cicero onthouden. Kan best zo zijn, want Cicero is toch één van de grootste schrijvers uit de Oudheid. Kennelijk bestonden er alleen wel verschillen van opvatting over zijn verdienste.

donderdag 29 maart 2012

Creatief met kolen

In de Oudheid was het vrij gebruikelijk dat iemand die ter door veroordeeld, gedwongen werd zelfmoord te plegen. Een bekend voorbeeld is dat van de Griekse wijsgeer Socrates die ons niet alleen zijn gedachten heeft gegeven, maar ook de uitdrukking "de gifbeker helemaal leegdrinken". Soms was de zelfmoord min of meer vrijwillig, zoals bij Cleopatra die volgens de bronnen een gifslang in haar vertrek had laten smokkelen toen ze gevangen werd gehouden. Sommigen kozen voor het zwaard, maar het kan allemaal nog veel creatiever, zoals Marcus Velleius Paterculus (±19 v.Chr - na 31 n.Chr.) aangeeft wanneer hij het over Servilia, de vrouw van Lepidus de Jongere (overleden in 30 n.Chr), heeft. Die bedacht een hele bijzondere manier (Romeinse Geschiedenis II.88:3):
Servilia, Lepidus' vrouw, mag op één lijn worden gesteld met de eerder genoemde vrouw van Antistius [die zichzelf doodstak]: door gloeiende kooltjes in te slikken bereidde zij zichzelf een voortijdige dood, die tegelijkertijd de herinnering aan haar naam onsterfelijk maakte.
Ja, dat is nu bij uitstek zo'n stukje dat 2000 jaar later in een blog terecht komt.

dinsdag 13 maart 2012

Mag dat ook al niet?!

De Romeinse historicus Marcus Velleius Paterculus (±19 v.Chr - na 31 n.Chr.) staat bekend als een gekleurd historicus. Twee mensen komen buitengewoon positief naar voren in zijn werk: de keizer uit zijn tijd, Tiberius (42 v.Chr - 37 n.Chr), en de beroemde redenaar uit de eeuw vóór zijn tijd, Marcus Tullius Cicero (106 - 43 v.Chr.).


Volgens Velleius is Cicero behoorlijk wat onrecht aangedaan. In zijn Romeinse Geschiedenis schrijft hij over de tegenwerking die de arme redenaar kreeg van de tribuun (een leidende politieke figuur)  Publius Clodius Pulcher (II.45:1-2):
Tijdens zijn tribunaat kwam Clodius met een wetsvoorstel dat al wie zonder rechterlijk vonnis een Romeins burger ter dood had gebracht werd bestraft met verbanning. De naam Cicero viel hier niet expliciet, maar het wetsvoorstel was uitsluitend gericht tegen hem. En zo heeft een man met uitmuntende verdiensten jegens de staat het loon gekregen voor het behoud van het vaderland: het rampzalig lot van een balling.
Gelukkig werd Cicero na de termijn van Clodius weer teruggeroepen uit zijn vreselijke ballingschap aan de Griekse kust. Blijkbaar kon je in die tijd niet eens meer iemand zonder een eerlijk proces om zeep helpen!

woensdag 7 maart 2012

Doortastende buitenlandse politiek

Rome heeft in haar bestaan een aanzienlijk rijk opgebouwd, van Schotland tot Irak en van Marokko tot Roemenië. Opvallend is dat de Romeinen zich ook bemoeiden met aangelegenheden in gebieden die niet onder hun macht stonden. Zo stond halverwege de tweede eeuw voor Christus de Syrische koning Antiochus Epiphanes (±215 - 164 v.Chr.) voor de poorten van Alexandrië in Egypte, waar hij bezig was de stad te belegeren. De Romeinen waren het hier niet mee eens en stuurde de gezant Marcus Popilius Laenas met één opdracht: zorg dat de Syriër het beleg opheft. In verschillende bronnen komt naar voren wat Laenas deed. De Romeinse historicus Marcus Velleius Paterculus (±19 v.Chr - na 31 n.Chr.) schrijft hierover (Romeinse Geschiedenis I.10:2):
Popilius maakte zijn boodschap duidelijk, waarna de koning zei dat hij er eens over zou denken. Toen trok de gezant met zijn staf een cirkel om de koning heen en formuleerde het als een bevel: eerst antwoord geven, dan pas mocht hij de cirkel in het zand uit. Zo kapte Romeinse kordaatheid 's konings overwegingen af, de order werd uitgevoerd.
Wellicht is dit een manier om geweld te stoppen als de VN Veiligheidsraad blijft dwarsliggen.