Tot 40% extra korting op winters assortiment!
Posts tonen met het label Lucius Annaeus Seneca. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Lucius Annaeus Seneca. Alle posts tonen

maandag 1 april 2013

Dat lust ik niet!

Gisteren was ik jarig en was de familie op bezoek. Dat is inclusief mijn jongere broertje en zusje. Ik kan me een hoop herinneren van de jeugd van deze twee en dat behelst onder meer dat ze beide geen vis lusten (laatste keer dat ik dat checkte). Mijn broertje had daarnaast ook geen echte liefhebberij voor sperziebonen, maar daar gaat het nu niet om. Het gaat om vis.

Ik ben zelf een groot visliefhebber, maar ik denk niet dat ik sta te springen om wat de Romeinen met hun vis deden. Zij aten namelijk garum, een soort vissaus die een paar maanden moest gisten. Wie ook niet enthousiast werd van dit mengsel, was de filosoof Seneca (± 4 v.Chr. - 65 n.Chr.). In een brief aan zijn vriend Lucilius schreef hij wat hij vond van de meest exquise Spaanse variant van garum (Brief aan Lucilius 95.25):
[...] Denk je niet dat de zogenaamde "Saus uit de Provincie," het dure extract van verrotte vis, de maag opbrandt met zijn gezouten walgelijkheid? Wat? Denk je dat de verpeste gerechten die een mens doorslikt terwijl ze bijna branden van het keukenvuur, gedoofd worden in het spijsverteringskanaal zonder daar schade aan te richten? Hoe afstotelijk en ongezond zijn hun boeren en hoezeer walgen mensen van zichzelf als ze de geuren van de overmatigheid van gisteren uitbrengen! Je kunt er zeker van zijn dat hun eten niet verteerd wordt, maar dat het rot.
Voor lezers met kinderen, als ze niet willen eten, vertel ze dan van Seneca en zijn vissaus.

Boekentip voor vandaag:
Seneca, Letters from a Stoic

zondag 27 januari 2013

Business Filosofie

Mensen zijn mensen en in essentie waren de Romeinen 2000 jaar geleden hetzelfde als wij tegenwoordig. De Romeinen liepen tegen dezelfde soort problemen aan als wij, zij het binnen hun eigen context. De regels die voor ons gelden, golden ook voor de Romeinen en andersom ook. We kunnen veel leren van de Romeinen, zeker ook omdat zij in tegenstelling tot de Grieken, pragmatisch en praktisch ingesteld waren met hun wijsheid.

In een tijd met rampzalig verlopende (infrastructuur)projecten in Nederland wordt het toch eens tijd om te kijken hoe de Romeinen hiermee omgingen. Niet het uitvoeren en het uitwerken van de plannen, want daarin missen de Romeinen de kennis van mensen als Newton en Einstein, maar projectmanagement. Het beeld dat ik altijd krijg bij mislukte projecten is tweeledig. Soms lijkt niet goed nagedacht te zijn wat de bedoeling uiteindelijk is, soms is er geen plan B voor als er wat op je pad komt. 

Twee Romeinse schrijvers pakken de handschoen op. De eerste is Lucius Annaeus Seneca (±4 v. Chr. - 65 n.Chr.). Seneca is bekend geworden als stoïcijns filosoof en als degene die keizer Nero (37-68 n.Chr.) in de beginfase van diens heerschappij onder controle wist te houden. Zijn bekendste quote staat vermoedelijk op alle mission statements van bedrijven, hoewel waarschijnlijk ook niemand weet wie dit ooit gezegd heeft. In een brief aan een vriend schrijft Seneca (Brief aan Lucilius 71.2-3):
Zo vaak als je wilt weten wat je moet vermijden of wat je moet zoeken, beschouw de relatie ervan met het Opperste Goede, met het doel van je hele leven. Want alles wat we doen moet daarmee in harmonie zijn; geen man kan de details uitstippelen tenzij hij van tevoren het hoofddoel van zijn leven voor ogen heeft. De kunstenaar kan zijn kleuren allemaal al hebben voorbereid, maar hij kan geen gelijkenis produceren als hij niet van tevoren bedacht heeft wat hij wil schilderen. De reden dat we fouten maken, is omdat we de delen overwegen, maar nooit het leven als geheel. De boogschutter moet weten wat hij wil raken om iets te raken; vervolgens moet hij richten en het wapen beheersen door zijn vaardigheid. Onze plannen mislukken omdat we geen doel hebben. Als een man niet weet naar welke haven hij vaart, heeft hij nooit wind mee.
Het andere probleem wordt aangevlogen door de mimespeler, acteur en schrijver Publilius Syrus (1e eeuw v.Chr.). Zijn aandeel in de mission statements van bedrijven bestaat uit een paar woorden (Sententiae, 1 ongeveer 1/3 deel):
Het is een slecht plan als je het niet kunt veranderen.
Boekentip voor vandaag:
Lucius Annaeus Seneca, Letters from a Stoic
Hardmod Carlyle Niclao, Publilius Syrus

zondag 30 december 2012

Ik heet geen Laarsje!

Het grote monster uit de Romeinse geschiedenis, keizer Caligula (12 - 41 n.Chr.) stond in zijn tijd bekend als keizer Gaius. Caligula was een bijnaam die "Soldatenlaarsje" betekende. Deze kreeg hij van de soldaten die onder zijn immens populaire vader Germanicus (15 v.Chr. - 19 n.Chr.) dienden. Germanicus nam zijn vrouw en kinderen altijd mee tijdens zijn veldtochten en de jongste, Gaius, werd een beetje de mascotte van het legioen. Hij werd tussen de soldaten grootgebracht en voor hem werd een speciaal legerkostuum op maat gebracht, compleet met kleine soldatenlaarsjes, caligulae.

Toen hij keizer was, begon hij genoeg te krijgen van de bijnaam en werd het niet gewaardeerd als je hem gebruikte. De Romeinse filosoof Lucius Annaeus Seneca (±4 v. Chr. - 65 n.Chr.) bericht van een voorval waarin duidelijk is dat de naam de keizer niet blij maakte (Brieven aan Lucilius 2:18)
Hij [Caligula] werd boos op Herennius Macer omdat hij hem aansprak als Gaius, terwijl een centurion [ een bevelhebber van een stukje leger] van de eerste manipel [een gevechtsformatie] in de problemen kwam omdat hij 'Caligula' zei. In het kamp, waar hij [Caligula] geboren was en de mascotte van de troepen was, was dit de naam waarmee hij doorgaans geroepen werd, en er was verder geen naam waarmee hij zo bekend was onder de soldaten. Maar nu, nu hij laarzen aanhad, beschouwde hij "Laarsje" als een aanfluiting en een schande. 
Zoals we van Caligula bekend zijn, was het ook niet goed om hem Gaius te noemen, maar Voor Laarsje had hij misschien wel een punt. Als je een keizer bent, wil je geen Laarsje genoemd worden.