Tot 40% extra korting op winters assortiment!
Posts tonen met het label Herodotus. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Herodotus. Alle posts tonen

zaterdag 1 februari 2014

Wie een kuil graaft...

De Perzische generaal Harpagus (5e eeuw v.Chr.) ging volgens de Griekse geschiedschrijver Herodotus (±485 - 425/420 v.Chr.) verder op zijn veroveringstocht door het huidige West-Turkije. Daarbij kwam hij de Cnidiërs tegen. Uiteraard is wel duidelijk wat er van hun zelfstandigheid overbleef, maar de weg ernaartoe is interessant. Cnidus. zegt Herodotus, ligt aan een landengte. Wat ze deden is het volgende (Historiën I.174.3):
Aan de Noordkant ligt het [Cnidus] aan de Golf van Ceramicus en aan de Zuidkant aan de zee van Simi en Rhodos. Nu, terwijl Harpagus Ionia aan het veroveren was, groeven de Cnidiërs een geul door de smalle landengte die ongeveer tweederde mijl breed is, zodat het land in een eiland zou veranderen. Ze brachten alles [van hun land] binnen de omgrachting, want de grens tussen het Cnidische land en het vasteland was op de landengte waar ze groeven.
Wat een werk om vervolgens veroverd te worden. De boel was namelijk gestopt toen een priester hen daartoe opdracht gaf. Cnidus gaf zich over aan de Perzen.

zaterdag 18 januari 2014

Weg, goden! Weg!

We hebben inmiddels gezien dat de Perzische generaal Harpagus (6e eeuw v.Chr.) in zijn veroveringstochten over het Westen van het huidige Turkije verschillende volkeren heeft onderworpen. Dit omdat de Griekse Historicus Herodotus (±485 - 425/420 v.Chr.) alles in het werk heeft gesteld om ze allemaal te noemen. Herodotus was naast historicus (en fantast) ook bijzonder geïnteresseerd in de eigenheid van verschillende gemeenschappen over de hele wereld.

Zijn eigen gemeenschap, de Cauniërs, moest er ook aan geloven. Herodotus maakt verslag van hun eigen manier van verzet plegen. Het probleem was namelijk niet het vijandige legen (Historiën I.172.2):
Zekere buitenlandse vereringsriten vestigden zich bij hen; maar later, toen ze er anders over dachten en enkel de goden van hun vaders wilden vereren, deden alle Caunische volwassen mannen hun wapens aan en gingen samen zo ver als de grenzen van Calynda [een nabijgelegen streek], waar ze hun speren in de lucht staken en zeiden dat ze de vreemde goden buiten trapten.
Het enige dat over de verovering verder genoemd is, is dat Harpagus de Cauniërs onderwierp. Blijkbaar werkt het niet bij iedereen om de goden ergens naartoe te sturen.

donderdag 2 januari 2014

Vroege smeerlapperij

De Egyptenaren staan bekend om twee dingen: de piramides en de mummies. De piramides zullen vandaag niet verder besproken worden, maar de mummies wel. Bij de Egyptenaren was er een groep priesters verantwoordelijk voor het balsemen en mummificeren van de overledenen. Volgens de Griekse historicus Herodotus van Halicarnassus  (±485 - 425/420 v.Chr.) zijn er verschillende manieren om een lichaam voor te bereiden voor de tocht naar waar-ze-ook-heen-gaan. Wat deze manieren gemeen hebben, is dat ze door dezelfde priesters werden uitgevoerd. Priesters, geen priesteressen. Om deze reden merkt Herodotus het volgende op (Historiën II.89):
De jakhals-god Anubis was betrokken bij het mummificatieproces
Bron: Wikipedia
Echtgenotes van beroemde mannen en vrouwen van grote schoonheid en reputatie, worden niet meteen aan de balsemers gegeven, maar pas wanneer ze drie of vier dagen dood zijn. Dit is zo om de balsemers te ontmoedigen gemeenschap met de vrouwen te hebben. Men zegt dat er eentje was betrapt terwijl hij gemeenschap had met het verse lijk van een vrouw en dat hij om die reden met de nek werd aangekeken door zijn collega's.
Iedere beschaving heeft kennelijk zijn eigen smeerlappen...

dinsdag 3 december 2013

Een onhandig, onduidelijk en goed idee

Een schild is een stuk dat in de Oudheid en de Middeleeuwen nauwelijks uit de strijduitrusting weg te denken was. Je kon een zwaard hebben, een dolk, een speer of iets anders (of allemaal), maar een schild was voor de verdediging toch wel onmisbaar. De Egyptenaren droegen al schilden mee naar het slagveld (opmerkelijk is overigens dat de op de Standaard van Ur afgebeelde krijgers geen schild hebben).


Egyptische krijgers met grote schilden
Zo gangbaar als schilden op een gegeven moment wel waren, iemand moet ze bedacht hebben. Wie het gebruik van schilden heeft geïntroduceerd, dat kunnen we niet achterhalen, al is het alleen maar omdat de eerste schilden vrijwel zeker van vergankelijk materiaal als hout en boomschors moeten zijn geweest. Volgens de Griekse historicus Herodotus van Halicarnassus  (±485 - 425/420 v.Chr.) weten we wel wie belangrijke aanpassingen hebben gedaan aan schilden: de bewoners van Halicarnassus en omgeving, de Kariërs. Volgens hem hebben de Grieken veel aan zijn landgenoten te danken waar het gaat om defensieve krijgsmiddelen (Historiën I.171.4):
Zij hadden drie dingen uitgevonden waarin ze gevolgd werden door de Grieken: het waren de Kariërs die het dragen van een kuif op de helm introduceerden en hulpmiddelen op de schilden, én ze waren de eerste die handvatten bevestigden aan de schilden; tot dat moment droegen zij die een schild droegen, het zonder handvat, maar door het om de nek en de linkerschouder te leiden van een leren band.
Een hele onhandige, een hele onduidelijke en een hele handige, lijkt me.

Boekentip voor vandaag:
Herodotus, The Histories

dinsdag 19 november 2013

Een freakshow in oorlogstijd

Eén van de interessante dingen aan het werk van de Griekse historicus Herodotus (±485 - 425/420 v.Chr.) is dat hij zijn verhaal over de Perzische Oorlogen aanvult met opmerkingen over volkeren die vrijwel allemaal onder de voet werden gelopen door de inmiddels wel bekende generaal Harpagus. Veel van deze volkeren zullen op dit blog aan bod komen (of zijn dat al geweest). 

Vandaag de gemeenschap van Pedasus, in de achtertuin van Herodotus zelf, in het Zuidwesten van het huidige Turkije. Zij hadden een bijzonder soort alarmsysteem voor als er wat ernstigs aan de hand was. Herodotus vertelt wat dan (Historiën  I.175):
Als hen of hun buren iets ernstige dreigde te overkomen, liet de priesteres van Athena een lange baard groeien. Dit is hen drie keer overkomen. Zij waren de enigen in de buurt van Karië die lang stand hielden tegen Harpagus en zij brachten hem de grootste problemen; ze versterkten een heuvel genaamd Lida.
Uiteindelijk werden ook de bewoners van Pedasus verslagen, maar ze hadden wel een freak show: de priesteres met de baard.

Boekentip voor vandaag:
Herodotus, The Histories

woensdag 30 oktober 2013

Er vallen veren

De Grieken uit de Oudheid hebben nooit een tekort gehad aan interessante weetjes over verre landen waar ze nooit komen en niemand was gedrevener in het verzamelen van dit soort zaken dan de historicus Herodotus (±485 - 425/420 v.Chr.). Zo vertelt hij over de Scythen ten Noorden van de Zwarte Zee, waar Grieken zich zelden laten zien. De Scythen waren een merkwaardig volk, maar ook de wereld zelf wordt vreemder naarmate je verder uit de buurt van Griekenland komt. Ten Noorden van de regio van de Scythen merkt Herodotus een bijzonder fenomeen op (Historiën IV.7.3):
Ten Noorden van de buren van hun land kan niemand (zeggen ze) verder zien of reizen, want er vallen veren; want de aarde en de lucht zitten vol met veren en deze belemmeren het zicht.
Een bijzonder weerfenomeen. Helaas had ook Herodotus zélf zo zijn twijfels. Verderop in zijn werk geeft hij aan dat hij vermoedt dat we het over sneeuw hebben (Historiën IV.31). Beetje een anticlimax.

Boekentip voor vandaag:
Herodotus, The Histories

donderdag 10 oktober 2013

Zorg dat je leger voldoende stinkt!

Wie computerspellen speelt waarin je met legers tegen elkaar vecht, weet het. Lichtbewapende soldaten verliezen vrijwel altijd van zwaarbewapende en soldaten met speren zijn een uitstekende manier om cavalerie te stoppen. Boogschutters zijn zwak tegen snel bewegende troepen, maar kunnen wel veel schade aanrichten bij dichtgepakte falanxen.

Dit zijn fysieke en functionele voordelen van de ene legereenheid ten opzichte van de andere. We hebben eerder gezien dat strijdwagens met zeisen gruwelijke taferelen veroorzaakten op het slagveld. Dit was naast bijzonder effectief tegen troepen ook een psychisch wapen. Wie vecht er op zijn niveau als je bang bent zomaar je been te verliezen? Olifanten waren hier ook succesvol in, want hoe verslag je die zomaar? Datzelfde geldt voor... kamelen.

Een Perziër leidt een kameel
Bron: Livius.org

Kamelen speelden een belangrijke rol in oorlogsvoering in het Midden-Oosten. Als ze goed getraind worden, kunnen ze de rol van een paard (dat veel minder sterk is in de omstandigheden in de woestijn) prima overnemen, maar ook in kameel-tegen-paard-gevechten zijn ze zeer bruikbaar. De Griekse filosoof en historicus Xenophon (±430 - 355 v.Chr.) meldt dat de Perzen gedurende de Slag bij Thymbra (547 v.Chr.) tegen de Lydiërs gebruik maakten van kamelen. Ondanks het feit dat de Lydiërs veel meer manschappen het veld op brachten, wonnen de Perzen. Xenophon verdedigt de verliezende bevelhebber (Cyropaedia VI.2.18):
Of [wat zou je doen] als je hoorde dat ze kamelen hebben waarop ze naar ons toe rijden en dat honderd paarden de aanblik van één kameel niet konden verdragen?
Paarden zijn bang voor kamelen. Volgens een andere Griekse historicus, Herodotus (±485 - 425/420 v.Chr.) konden de paarden niet alleen de aanblik van kamelen niet aanzien, maar gingen ze ook over hun nek van de geur (Historiën I.80.5). Het devies is dan ook: zorg dat je leger voldoende stinkt!

Boekentip voor vandaag:
Xenophon, The Expedition of Cyrus
Herodotus, The Histories

maandag 19 augustus 2013

Je land of je leven

Een tijd geleden kwam het Orakel van Delphi aan bod. Koning Croesus (±595 - ±546 v.Chr.) van Lydië kreeg te horen dat een groot rijk ten onder zou gaan, maar niet welk rijk. Dit zijn de orakeluitspraken waar vooringenomenheid iemand een bepaalde kant op kan sturen. Croesus' eigen rijk werd weggevaagd.

Soms zijn de orakelspreuken niet zo onduidelijk om te interpreteren. Zo vroegen Spartanen aan het Orakel wat ze moesten doen toen de Perzische legers onder Xerxes I (515 - 465 v.Chr.) Griekenland binnenviel. Volgens de Griekse historicus Herodotus (±485 - ±425 v.Chr) was het poëtisch geformuleerde antwoord hier heel wat eenduidiger, zij het niet makkelijk voor de aanhoorder (Historiën VII.220.4):
Voor jullie, bewoners van Sparta met de brede straten,
Ofwel jullie geweldige en glorieuze stad moet verwoest worden door de Perzen,
Of, als dat niet gebeurt, moet de bevolking van Lacedaemon [de Stadstaat] een dode koning die afstamt van Herakles betreuren.
Met andere woorden: koning Leonidas (540 - 480 v.Chr.) had een probleem. Omdat hij zo nobel was, koos hij ervoor zelf te sterven in de legendarische Slag bij Thermopylae (480 v.Chr.) tegen een, zoals we eerder hebben gezien veel groter leger aan Perzen. Feit is wel dat de Perzen nooit in de buurt van Sparta geweest zijn, dus Leonidas is niet voor niets gestorven.

Leonidas volgens de schilder Jacques-Louis David (1748 - 1825 n.Chr.)
Bron: Wikipedia

Boekentip voor vandaag:
Herodotus, The Histories

vrijdag 9 augustus 2013

Wegwezen hier!

Wanneer de vijand voor de deur staat, kun je een paar dingen doen: je kunt in paniek raken, je kunt een slimme truuk bedenken, je kunt het gevecht aangaan of je kunt maken dat je wegkomt. De Griekse filosoof Bias van Priëne (6e eeuw v.Chr.), de man van de slimmer truuk, wist toen de Perzen onder Harpagus voor de poorten van zijn stand stonden, wel ongeveer hoe de wind woei. Volgens de Griekse historicus Herodotus van Halicarnassus (±485 - ±425 v.Chr) kwam Bias met een voorstel (Historiën I.170.2):
Hij adviseerde hen [de bevoling van Priëne en de ander Ionische steden] om de zee op te gaan en samen naar Sardinië te varen en één stad te stichten voor alle Ioniërs: zo zouden ze in het bezit van het grootste eiland van de wereld zijn en anderen overheersen en zouden ze vrij zijn van slavernij en in rijkdom zijn; maar als ze in Ionië zouden blijven, dan zou hij geen hoop op vrijheid voor hen kunnen zien.
Uiteindelijk waren het toch Grieken en die zijn te trots voor dit soort zaken. De Perzen veroverden de regio en bleven daar lang aan de macht.

Boekentip voor vandaag:
Herodotus, The Histories

zondag 16 juni 2013

De Bloeddorstigen uit het Oosten

De Perzen kenden hele andere gebruiken dan de Grieken, zoals we eerder hebben gezien bij de dronken politiek. Ook op andere gebieden gedragen Perzen zich anders. Zo noemt de Griekse historicus Herodotus (±485 - ±425 v.Chr.) de priesterkaste van de Magi. Deze volgelingen van het Zoroastrisme hielden er merkwaardige begrafenisrituelen op na. Waar het voor de Perzen doorgaans gebruikelijk was om de lichamen van overledenen in de smeren in was en ze vervolgens te begraven, was het voor de Magi noodzakelijk dat er nog wat anders plaatsvond (Historiën I.140.1):
Ik kan vanuit mijn eigen zekere kennis zoveel over hen zeggen. Maar er zijn andere zaken met betrekking tot de doden die geheimzinnig en vaag worden gezegd: dat de lichamen van de Perzen [de Magi] niet worden begraven voordat ze verminkt zijn door vogels of honden.
Nog meer over de dood bij de Magi weet Herodotus ook te vertellen, want de Magi vonden het belangrijk om veel dingen te doden (met uitzondering van mensen en honden). Herodotus vertelt dat ze graag mieren, slangen, dieren en vogels over de rand joegen. Een merkwaardig geval als je bedenkt dat deze Magi genoemd worden als Wijzen uit het Oosten in de Bijbel.

Boekentip voor vandaag:
Herodotus, The Histories

woensdag 12 juni 2013

Dan nog liever dood!

Soms is de schande van verovering veel erger dan de dood. Zo dachten de Lyciërs uit Xanthos (het Zuidwesten van het huidige Turkije) er ook over. Toen de Perzische koning Cyrus zijn eerder genoemde steun en toeverlaat Harpagus naar Turkije stuurde met de taak het te veroveren voor de Perzen, ging dat voortvarend. Harpagus en zijn leger liepen stad na stad onder de voet en stonden voor de poorten van Xanthos. De Griekse historicus Herodotus van Halicarnassus (±485 - ±425 v.Chr) - Halicarnassus ligt niet ver van Xanthos en is ook in die periode veroverd - vertelt wat de bewoners van de stad deden (Historiën I.176:1-3):
[...] en toen Harpagus zijn leger het veld van Xanthos in leidde, kwamen de Lyciërs naar hem toe en zij toonden zichzelf moedig in het gevecht van weinigen tegen velen; maar toen ze teruggedrongen werden de stad in, verzamelden ze hun vrouwen, kinderen, goederen en slaven op de akropolis en staken vervolgens de hele akropolis in brand. Vervolgens zworen zij krachtige eden naar elkaar en tijdens een uitval sneuvelden zij, alle mannen van Xanthos.
In ieder geval hoefden ze niet te leven onder de Perzen.

Boekentip voor vandaag:
Herodotus, The Histories

dinsdag 7 mei 2013

Een jongen mag niet huilen

Een paar weken geleden besprak ik een stukje van de Griekse historicus Herodotus van Halicarnassus (±485 - ±425 v.Chr) die de gebruiken van de Perzen beschrijft. Toen kwam de politieke besluitvorming waar drank aan te pas kwam, aan bod. Vandaag vertelt Herodotus over de opvoeding van kinderen bij de Perzen. Hij zegt dat iemand onder de Perzen heel veel aanzien genoot als hij veel zonen heeft. De koning beloonde de man met het grootste aantal zoons zelfs. Opmerkelijk is wel dat deze man zijn kroost alleen niet te zien kreeg (De Historiën I.136.2):
Ze leiden hun jongens van vijf tot twintig jaar oud op en leren hen slechts drie dingen: paardrijden, boogschieten en eerlijkheid. Een jongen wordt door zijn vader niet gezien voor hij vijf jaar oud is, maar leeft met de vrouwen. Het doel hiervan is dat, als de jongen sterft in zijn eerste jaren, de vader hier geen verdriet om zal hebben.
Opvallend is hier dat Herodotus nergens zegt wie de vrouwen zijn. Hoort de moeder of een oudere zus daar bij? Is het als het kind sterft niet zo erg als zij daar verdriet om hebben? Deze paar regeltjes zeggen een hoop over de genderverhoudingen bij de Perzen (of over de vooronderstellingen die Herodotus daar zelf bij heeft; dit kunnen we moeilijk controleren). 

Boekentip voor vandaag:
Herodotus, The Histories

vrijdag 19 april 2013

Dronken politici aan de macht!

Eén van de interessantste kanten van de Oudheid is voor mij de ontwikkeling van zaken die tegenwoordig heel gewoon zijn. Politieke besluitvorming is één van deze dingen. Op dit blog is het onderwerp al verschillende keren aan bod gekomen. Gilgameš, Athene, de Romeinse republiek van eergisteren, er zijn verschillende manieren om beslissingen te nemen in de politiek.

De Griekse historicus Herodotus van Halicarnassus (±485 - ±425 v.Chr) beschrijft in zijn werk hoe de besluitvorming volgens hem bij de Perzen ging. Onder de Perzen werden keuzes besproken onder een groep mensen en Herodotus vertelt dat daar een speciale procedure voor werd nageleefd (Historiën I.133.3-4):
[...] Verder is het hun gebruik om de meest gewichtige zaken te bespreken als ze dronken zijn; en wat ze dan in dat overleg besluiten, wordt de volgende dag door de meester van het huis waar ze overleg hebben gehad, voorgesteld als ze nuchter zijn; en als ze nog steeds staan bij de beslissing als ze nuchter zijn, dan handelen ze ernaar. Zo iet, dat laten ze hem vallen. En als ze overlegd hebben over een zaak als ze nuchter zijn, dan nemen ze de beslissing als ze dronken zijn.
Soms vraag je je af of politici wel nuchter zijn als ze naar de interruptiemicrofoon lopen. Bij de Perzen was dit een integraal onderdeel van de besluitvorming.

Boekentip voor vandaag:
Herodotus, The Histories

zaterdag 30 maart 2013

Een haas met een boodschap

Twee maanden geleden besprak ik wat de koning van Medië Astyarges zij dienaar Harpagus had aangedaan  toen hij een kind dat gedood had moeten worden, liet opvoeden door herders. Dat kind was de latere Cyrus de Grote (6e eeuw v.Chr.) en die bevond zich aan het hof van de koning. De profetie was dat dat kind koning zou worden, maar priesters hadden de koning ervan overtuigd dat dat ik kleine dingen kon zitten en Cyrus was als kind met zijn vriendjes wel eens koning in de spellen die zij speelden. Wel raadden de priesters de koning aan Cyrus terug naar huis te sturen.

Harpagus was echter niet klaar met de hele kwestie. Hij was op de hoogte van de profetie en terwijl hij zijn zoon tussen zijn tanden uithaalde met een tandenstoker, bedacht hij dat Cyrus het ook moest weten en zo de troon kon overnemen. Kennelijk was Harpagus het niet eens met de priesters. De Griekse historicus Herodotus van Halicarnassus (±485 - ±425 v.Chr) vertelt in zijn Historiën wat het beste was dat hij kon bedenken (Historiën I.123.3-4):
[...] Harpagus wilde zijn bedoeling [om Cyprus op de troon te krijgen en Astyages te straffen voor wat hij had gedaan] kenbaar maken aan Cyrus die toen onder de Perzen [de regio die destijds geregeerd werd door de Meden. De Perzen zaten elders]. Maar de wegen werden bewaakt en hij had geen ander plan voor het sturen van een boodschapper dan deze: hij sneed zorgvuldig de buik van een haas open en hij stopte er zonder het verder te beschadigen een papiertje op waarop hij schreef wat hij het beste achtte. Vervolgens naaide hij de buik van de haas weer dicht en stuurde het naar Perzië door zij meest vertrouwde bediende, die hij netten meegaf om te dragen, als ware hij een jager. De boodschapper was geïnstrueerd om Cyrus de haas te geven en hem mondeling te zeggen deze met zijn eigen handen te openen, wanneer niemand anders aanwezig was.
Zo geschiedde. Het feit dat Cyrus later Cyrus de Grote zou worden genoemd, moet voldoende zeggen over het succes van deze missie.

woensdag 20 februari 2013

30 keer zoveel man als bij D-Day

De oude Grieken waren doorgaans vooral bezig elkaar de hersens in te slaan. De verschillende stadstaten trokken doorgaans niet gezamenlijk op. Slechts bij een bijzondere externe vijand was het mogelijk de gelederen te sluiten (want de Grieken kenden wel een soort wij-gevoel als Griekse beschaving tegenover de barbaren). In de mythologie zien we de Trojaanse Oorlog een dergelijk verbond voor elkaar krijgen. Aan het begin van de 5e eeuw v.Chr. was er een nieuwe vijand, ook uit het Oosten, de Perzen.

De Perzen reageerden op een opstand onder de door hen overheerste Griekse steden in het Westen van het huidige Turkijen en besloten een poging te wagen heel Griekenland onder de duim te krijgen. Naast het feit dat ze geleid werden door een nogal hooghartige koning Xerxes (r. 485 - 465 v.Chr.), als we de Griekse historicus Herodotus (±485 - ±425 v.Chr) moeten geloven, waren ze volgens Herodotus bovenal met heel veel mensen op komen draven. Herodotus vertelt zelfs dat het leger zó groot was dat de rivier de Scamander (de huidige Karamenderes in Turkije voor wie meekijkt) niet voldoende was om genoeg te drinken (Historiën VII.43). Hij weet zelfs hele precieze aantallen manschappen te noemen (Historiën VII.185:2-186):
Wat betreft de grondtroepen verzorgd door alle landen - Thraciërs, Paeoniërs, Eordi, Bottiaei, Chalcidiërs, Brygi, Pieriërs, Macedoniërs, Perrhaebi, Enienes, Dolopes, Magnesiërs, Achaërs, bewoners van de kust van Thracië — van al deze vermoed ik het aantal ongeveer drie honderd duizend. Wanneer deze aantallen werden toegevoegd aan de aantallen uit Azië, is het totaal aan strijdkrachten twee miljoen, zeshonderdveertigduizend, zeshonderdtien.Dit betreft het aantal soldaten. Wat betreft de niet-vechtende ondersteuners die hen volgde en de bemanning van graanschepen en de andere schepen die via de zee meegingen met het leger, dit zijn er volgens mij niet minder, maar méér dan de strijdkrachten. Laten we echter aannemen dat ze met net zoveel zijn, niet meer en niet minder. Als ze gelijk zijn aan het strijdende contingent, bestonden ze uit net zoveel tienduizenden als de anderen. Het aantal van hen die Xerxes, de zoon van Darius, zo ver meenam als de "Sepiad headland" [geen idee wat dat in het Nederlands] en Thermopylae [Midden-Griekenland] was vijf miljoen, tweehonderddrieëntachtigduizend tweehonderdtwintig.
Dit is een gigantisch aantal. Het aantal geallieerden op D-Day wordt, om te vergelijken, geschat op ruim minder dan 200.000. Moderne schattingen voor het daadwerkelijke aantal Perzen in het conflict worden geschat op enkele honderdduizenden. Nog steeds gigantisch, maar toch wat anders dan Herodotus zegt.

maandag 4 februari 2013

De voyeur krijgt de buit

De eerder aan bod gekomen Croesus (±595 - ±546 v.Chr.) was koning van Lydië, een koninkrijk in het binnenland van het huidige Turkije. Zijn familie was niet de oorspronkelijke koninklijke familie in het land en zoals dat vaak gaat in de Oudheid, hebben we een merkwaardige manier van de Griekse historicus Herodotus (±485 v.Chr. - tussen 425/420 v.Chr.) doorgekregen over hoe de familie aan de macht kwam. Aan het einde van het verhaal ontstond er een heel nieuw woord.

Voor de familie van Croesus aan de macht kwam, werd Lydië geregeerd door Candaules (8e eeuw v.Chr.). Hij had een hele mooie vrouw en Herodotus meldt dat hij er nog verliefd op was ook! (Historiën I.8.1.) Hij was zó vol van de schoonheid van zijn vrouw, dat hij zijn bewaker Gyges beval haar te bekijken terwijl ze zich in de slaapkamer zou uitkleden om zo met eigen ogen te zien wat een prachtige vrouw het was. Zo geschiedde, maar Gyges werd gezien door de koningin terwijl hij wegsloop. In plaats van te gillen pakte zij het als volgt aan. De volgende dag liet ze Gyges door een slaaf roepen en sprak hem toe (Historiën I.11.2-3):
Er zijn voor jou nu twee wegen aanwezig, Gyges, ik geef jou de keuze welk van beide je wil inslaan. Want ofwel moet je Candaules doden en krijg je mij en het koningschap van Lydië, ofwel moet je dadelijk zelf sterven zonder meer, opdat je voortaan niet meer zou zien wat je niet mag zien door Candaules in alles te gehoorzamen. Maar het is werkelijk nodig ofwel degene die dat bedacht heeft omkomt ofwel jij die mij naakt bekeken hebt en gedaan hebt wat niet gebruikelijk is.
Gyges maakte deze eenvoudige keuze en doodde Candaules. Candaules, op zijn beurt, wordt tegenwoordig nog herinnerd in bepaalde subculturen, als de naamgever van het Candaulisme, een bepaald soort seksuele fantasie.

donderdag 31 januari 2013

Wat Armstrong's sponsor van Xerxes heeft

Het bericht dat je nu leest, is online gepubliceerd. Het is niet uitgesproken (tenminste niet door de schrijver) en staat niet fysiek ergens op papier of op een kleitablet geschreven. Met mijn blog kan ik iedereen bereiken die de beslissing neemt naar het adres te gaan. Dit is een onmogelijkheid in de Oudheid, want internet bestaat nog niet. Communicatie diende mondeling of schriftelijk te gaan, zoals wij het 20 jaar geleden nog hadden.

De Romeinen stonden bekend om hun wegennetwerk en de mogelijkheid die daardoor ontstond om mensen, goederen en informatie snel van Antiocheia naar Batavodorum te krijgen.Een ander volk stond bekend om het postsysteem, zo erg zelfs dat een opmerking van de Griekse historicus Herodotus (±485 - ±425 v.Chr) door US Postal Services is overgenomen als lijfspreuk. Herodotus stelt dat de eerder genoemde koning Xerxes (5e eeuw v.Chr.) het bericht van een nederlaag als volgt verzond (Historiën 8.98):
Terwijl Xerxes dit deed, stuurde hij een bode naar Perzië met het nieuws van de huidige tegenslagen. Er is niets sterfelijks dat een route sneller aflegt dan deze bodes, door een handig bedacht plan van de Perzen. Er wordt gezegd dat er net zoveel mannen en paarden waren als dagen die voor de hele reis stonden, elk paard en elke man op één dag reizen afstand van elkaar. Deze werden noch gestopt door sneeuw, noch regen, noch hitte of duisternis om de aan hen toegewezen route zo snel mogelijk af te leggen. De eerste ruiter gaf de lading aan de tweede, de tweede aan de derde en zo ging het van hand naar hand.
Boekentip voor vandaag:
Herodotus, The Histories

vrijdag 25 januari 2013

Een wrange nasmaak

De Griekse historicus Herodotus van Halicarnassus (±485 - ±425 v.Chr) vertelt in zijn Historiën over de oorlog tussen de Grieken en de Perzen in de 5e eeuw v.Chr.. Herodotus besteedt ook aandacht in de vestiging van het Perzische rijk en in het bijzonder de stichter van het rijk, Cyrus de Grote (6e eeuw v.Chr.). Net als bijvoorbeeld de eerder genoemde Romulus, de stichter van Rome, zou Cyrus als verlaten kind door een herder zijn opgevoed.

De koning van het gebied waar Cyrus vandaan kwam, Astyages, vernam in een droom dat zijn kleinzoon hem omver zou werpen. Toen kreeg zijn dochter een kind. Astyages beval een lid van zijn gevolg, Harpagus, het kind te doden, maar die liet het opvoeden door een herdersgezin die net een kind hadden verloren. Op een gegeven moment kwam Astyages erachter en besloot Harpagus te straffen. Dat deed hij door hem uit te nodigen voor een indrukwekkend diner. Harpagus moest ook even zijn eigen dertienjarige zoon sturen. Herodotus vertelt verder (Historiën  I.119.3-7):
Maar toen Harpagus' zoon kwam, sneed Astyages zijn keel door en sneed hem in stukken. Hij roosterde een deel van het vlees en kookte een deel ervan en hij bewaarde het toen hij het had bereid. Dus toen de tijd voor het diner was aangebroken en de rest van de gasten en Harpagus aanwezig waren, werd Astyages en de anderen lamsvlees geserveerd, maar Harpagus dat van zijn eigen zoon, alles behalve het hoofd, de handen en de voeten, die apart lagen in een afgedekte mand. Toen Harpagus genoeg gegeten had, vroeg Astyages hem: "Heb je genoten van je maaltijd, Harpagus?" "Geweldig," antwoordde Harpagus. Vervolgens brachten zij wiens taak dit was, het hoofd, de handen en de voeten, verborgen in de mand en ze stonden voor Harpagus en zeiden hem het te openen en te nemen wat hij lekker vond. Harpagus deed dit; hij opende de mand en zag wat er over was van zijn zoon. Hij zag dit, maar hield zichzelf in de hand en bleef rustig. Astyages vroeg hem: "Weet je van welk beest je vlees hebt gegeten?" "Dat weet ik," zei hij, "en alles wat de koning doet, is aangenaam." Met dat antwoord nam hij wat overgebleven was van het vlees mee en ging naar huis. Daar, denk ik, was hij van plan om alles te begraven.
Boekentip voor vandaag:
Herodotus, The Histories

dinsdag 15 januari 2013

Graf van vier meter gevonden!

De Grieken hadden een sterk gevoel van een gouden tijd die ergens in het verleden lag. Eén van de oudste dichters uit de Griekse Oudheid waar we wat van weten, dat is Hesiodus (8e eeuw v.Chr.). Hij zag de geschiedenis als een afglijden van een gouden tijd via een zilveren en een ijzeren tijd naar de ellende van vandaag de dag. In die zin zijn we niet veel veranderd.

Een opvallend geval uit dat verleden komt uit het werk van de Griekse historicus Herodotus van Halicarnassus (±485 - ±425 v.Chr). Hij vertelt namelijk over de opkomst van de Zuid-Griekse stadstaat Sparta. Volgens de priester van de tempel van Delphi was het voor de Spartanen noodzakelijk om de botten van Orestes, de zoon van Agamemnon, te vinden om hun macht te vestigen. Dit bleek een probleem, want de heren konden Orestes niet vinden, tot ze ene Lichas aan de tand voelden. Hij had namelijk het graf van Orestes gevonden. Desgevraagd sprak hij (Historiën I.68.2-3):
"Mijn Laconische [Spartaanse] gast, als jij zou hebben gezien wat ik heb gezien, zou je werkelijk verbijsterd zijn, want je verwondert je zo om werken met ijzer. Ik wilde een put graven in de tuin hier en tijdens het graven stuitte ik op een kist van twaalf voet land [ongeveer 4 meter]. Ik kon niet geloven dat er ooit mannen zijn geweest die langer waren dan nu, dus ik opende het en zag dat het lichaam net zo lang was als de kist. Ik mat het op en begroef het opnieuw."
Dit bleek Orestes te zijn. De Spartanen groeven het lichaam op en deden wat ze moesten doen. Het is ook niet verrassend dat de Grote Orestes bijna vier meter was, zeker met Herodotus' gevoel voor mythologie.

Boekentip voor vandaag: Herodotus, The Histories


zaterdag 5 januari 2013

Goddelijke verkleedpartij

Pisistratos (607 - 527 v.Chr.) was de eerste tiran (dit woord betekent in de Griekse Oudheid niets meer dan een heerser die op een niet-constitutionele manier aan de macht is gekomen. Pisistratos stond behoorlijk goed bekend) van Athene. Hij was verantwoordelijkheid voor het op gang brengen van de culturele bloei van de stadstaat. Opmerkelijk is wel de manier waarop hij aan de macht gekomen was.

Pisistratos was net Athene uit getrapt door de gezamelijke macht van twee aanzienlijken, maar de tiran was nog niet weg of de nieuwe leiders beginnen onderling ruzie te maken. Eén van hen besloot Pisistrator terug te roepen uit zijn verbanning en hem terug op de troon te zetten, maar er was een probleem: Hij was net de stad uit getrapt, dus er moest iets bedacht worden. Volgens de Griekse historicus Herodotus van Halicarnassus (±485 - ±425 v.Chr) hadden ze daarvoor iets bijzonders bedacht. Herodotus zelf snapt niet hoe het kan dat de Atheners, de slimste onder de toch al heel slimme Grieken, hierin trapten, maar hij vertelt toch wat er was gebeurd: (Historiën I.60.4-5):

Er was in de Paeanische deme [een administratief gebied van de stadstaat] een vrouw die Phya heette, net iets minder dan zes voet en vier duimen in hoogte en verder ook mooigevormd. Deze vrouw kleedden zij in volledige wapenrusting en zetten haar op een strijdwagen en gaven haar alle attributen om er een indrukwekkend spectakel van te maken en ze reden haar zo de stad in; herauten renden voor hen toen ze de stad betreedden en riepen ze zoals ze geïnstrueerd waren, uit: "Atheners, geef een hartelijk welkom aan Pisistratos, die Athena [de godin van de stad] boven alle mannen eert en terug brengt naar haar eigen Akropolis." Zo riepen de herauten dit uit en onmiddellijk verspreidde het verslag dat Athena Pisistratos terugbracht zich over de demes en de bevolking, in het geloof dat de vrouw de godin zelf was, vereerden dit menselijk wezen en verwelkomden Pisistratos.
Boekentip voor vandaag: Herodotus, The Histories