Tot 40% extra korting op winters assortiment!
Posts tonen met het label Sparta. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Sparta. Alle posts tonen

donderdag 1 augustus 2013

It's all about the money

Een paar maanden geleden besprak ik een toespraak van een gezant van Korinthe die bij de Atheners klaagt over het gedrag van de bewoners van Corcyra. Twee weken eerder besprak ik de rol van toespraken in het werk van de historicus waar deze toespraak vandaan komt, Thucydides (±460 - ±400 v.Chr.). Vandaag komen de Korinthiërs terug met hun toespraken en vandaag is duidelijk dat ze het hebben gehad met de Atheners. Athene koos na haar entente met de Korinthiërs en de bewoners van Corcyra de zijde van laatstgenoemde in het conflict. Daarmee wisten ze Korinthe tot vijand te krijgen. 

Wanneer nog een aantal incidenten plaats heeft waar de Atheners bij betrokken zijn, besluit Sparta, de andere grote stadstaat naast Athene, dat het tijd is voor oorlog. Ze roepen hun bondgenoten bij elkaar en beraadslagen of er een oorlog aan komt. Korinthe mag volgens Thucydides als laatste spreken voor er gestemd werd. Het wordt een lang verhaal over wijsheid en moed en over het strijden tegen een despotenstaat die de Grieken overheerst, maar de toespraak begint met iets opmerkelijks. Nadat de Korinthische gezant de Spartanen prijst voor het feit dat ze ruggespraak kunnen leveren, zegt hij (Geschiedenis van de Peloponnesische Oorlog I.120.2):
Voor onszelf [steden aan zee of aan een belangrijke transportader], allen die al met de Atheners te maken hebben gehad, is geen waarschuwing nodig op voor hen op te passen. De staten die meer in het binnenland en uit de buurt van de communicatiewegen liggen dienen te begrijpen dat als ze nalaten de kuststeden te ondersteunen, het gevolg zal zijn dat ze het vervoer van hun goederen voor de export en het ontvangst van hun importen over zee belemmeren; en zij moeten geen zorgeloze beoordelaars van datgene dat nu gezegd wordt zijn, alsof het een ver-van-mijn-bed-show is voor hen, maar ze moeten verwachten dat de opoffering van de mogendheden aan de kust er op een dag voor zorgt dat het gevaar zich uitbreidt naar het binnenland en men moet begrijpen dat hun eigen belangen sterk gerelateerd zijn aan deze discussie.
Alles over roem, vrijheid, wijsheid en die andere dingen, dat zijn bijzaken. Uiteindelijk zitten we met een zeemacht als de Atheense die te groot begint te worden. Zo groot zelfs dat het in staat geacht wordt alle vervoer over zee te beheersen. In een tijd waarin zeetransport veel efficiënter ging dan transport met ossenkarren over onverharde bergpaadjes, was dit een belangrijke kwestie.

Boekentip voor vandaag:
Thucydides, The History of the Peloponnesian War

dinsdag 15 januari 2013

Graf van vier meter gevonden!

De Grieken hadden een sterk gevoel van een gouden tijd die ergens in het verleden lag. Eén van de oudste dichters uit de Griekse Oudheid waar we wat van weten, dat is Hesiodus (8e eeuw v.Chr.). Hij zag de geschiedenis als een afglijden van een gouden tijd via een zilveren en een ijzeren tijd naar de ellende van vandaag de dag. In die zin zijn we niet veel veranderd.

Een opvallend geval uit dat verleden komt uit het werk van de Griekse historicus Herodotus van Halicarnassus (±485 - ±425 v.Chr). Hij vertelt namelijk over de opkomst van de Zuid-Griekse stadstaat Sparta. Volgens de priester van de tempel van Delphi was het voor de Spartanen noodzakelijk om de botten van Orestes, de zoon van Agamemnon, te vinden om hun macht te vestigen. Dit bleek een probleem, want de heren konden Orestes niet vinden, tot ze ene Lichas aan de tand voelden. Hij had namelijk het graf van Orestes gevonden. Desgevraagd sprak hij (Historiën I.68.2-3):
"Mijn Laconische [Spartaanse] gast, als jij zou hebben gezien wat ik heb gezien, zou je werkelijk verbijsterd zijn, want je verwondert je zo om werken met ijzer. Ik wilde een put graven in de tuin hier en tijdens het graven stuitte ik op een kist van twaalf voet land [ongeveer 4 meter]. Ik kon niet geloven dat er ooit mannen zijn geweest die langer waren dan nu, dus ik opende het en zag dat het lichaam net zo lang was als de kist. Ik mat het op en begroef het opnieuw."
Dit bleek Orestes te zijn. De Spartanen groeven het lichaam op en deden wat ze moesten doen. Het is ook niet verrassend dat de Grote Orestes bijna vier meter was, zeker met Herodotus' gevoel voor mythologie.

Boekentip voor vandaag: Herodotus, The Histories


woensdag 8 augustus 2012

Aarde en water kun je krijgen!

De Perzen uit de Oudheid waren veel bezig met symboliek. Eén van de bekendste stukjes symboliek uit de Perzische politieke cultuur was het concept van Aarde en Water dat de Perzen verkregen van hun overwonnen volkeren als teken van de onderwerping. Het was vrij gebruikelijk dat de Perzen dit kwamen opeisen bij zwakker geachte volkeren om zo eenvoudig aan onderworpen staten te komen. Dat truukje probeerden ze ook bij de Grieken.

De Griekse geschiedschrijver Herodotus (±485 - ±425 v.Chr) merkt op dat dit een weinig succesvolle onderneming was. Een aantal gezanten van koning Darius (540 - 485 v.Chr.) van de Perzen trok naar de steden Athene en Sparta en vroegen daar om Aarde en Water. Herodotus vertelt hoe daarmee omgegaan werd (Historiën 7.133.1):
Naar Athene en Sparta stuurde Xerxes [de volgende koning van de Perzen] geen bodes om Aarde te eisen en dat deed hij om de volgende reden. Toen Darius eerder mannen met hetzelfde doel stuurde, werden deze in de ene stad [Athene] in een kuil gegooid en in de andere stad [Sparta] in een put, en verzocht om hun Aarde en Water voor de koning uit die locaties mee te nemen.
Aarde en Water wil je hebben?

donderdag 5 juli 2012

Áls je ons verslaat!

De verschillende Griekse stadstaten waren in de periode voor Alexander de Grote (356 - 323 v.Chr.) veelal bezig met het elkaar bevechten. Eén van de belangrijkste stadstaten was Laconia, met de hoofdstad Sparta. Drie dingen zijn in het bijzonder interessant aan deze stadstaat (er zijn meer dingen interessant over Sparta trouwens). Ten eerste stond de legermacht van de Spartanen bekend als de allerbeste omdat het uit professionele soldaten bestond. Ten tweede hadden de Spartanen een systeem van opvoeding dat door de staat geleid werd en ook mede verantwoordelijk was voor het militaire succes. Ten derde stonden de Spartanen bekend om hun laconieke houding. Laconiek betekent oorspronkelijk niets anders dan Spartaans.


De Griekse biograaf en schrijver Plutarchus (±46 - minstens 120 n.Chr) geeft hier een interessant voorbeeld van. De koning van de Macedoniërs en vader van Alexander de Grote, Philippus II (382 - 336 v.Chr.) is bezig met een succesvolle invasie van Griekenland en besluit de Spartanen een brief te sturen waarin hij aangeeft wat er te doen staat. De reactie was duidelijk, zo schrijft Plutarchus (Over geklets 17):
Philippus schreef het volgende aan de Spartanen: "Als ik jullie territorium betreed, zal ik jullie allemaal vernietigen, opdat jullie nooit meer op zullen staan"; ze antwoordden hem met één woord: "als".
Discussie gesloten.