Tot 40% extra korting op winters assortiment!
Posts tonen met het label Hannibal Barca. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Hannibal Barca. Alle posts tonen

donderdag 4 juli 2013

We menen het écht hoor!

Nu ik het de afgelopen tijd een paar keer over Mithradates heb gehad, is het weer eens tijd die andere grote vijand van de Romeinse Republiek, Hannibal Barca (247 - 183 v.Chr.) te bespreken. Toen Hannibal in Italië zat en de Romeinen een aantal grote nederlagen had toegebracht, werd in Macedonië besloten dat de Carthagers er heel goed voor stonden, dus dat het slim was ze nu te gaan steunen tegen de Romeinen.

In zijn TheHistoryOf podcast over Hannibal (die ik al eerder heb aangeraden) bespreekt Jamie Redfern wat er gebeurde toen de Macedoniërs contact opnamen met de Carthagers. Vandaag gaat het over een stukje van de tekst van het verdrag dat de Macedoniërs probeerden de Adriatische Zee over te trekken. Eerder besprak ik een wettekst uit de late Romeinse tijd waarin voor de namen van de keizers (vier stuks) en hun CV's werden genoemd. De tekst van het verdrag is overgeleverd door de Griekse historicus Polybius (203 - 120 v.Chr.) en hij vertelt wie er allemaal aangeroepen werden (Romeinse Geschiedenis VII.9.2-3):
In de aanwezigheid van Zeus, Hera en Apollo, in de aanwezigheid van de geest van Carthago, van Heracles en Iolaus, in de aanwezigheid van Ares, Triton en Poseidon, in de aanwezigheid van de goden die voor ons strijden en de Zon, de Maan en de Aarde, in de aanwezigheid van de Rivieren, Meren en Wateren, in de aanwezigheid van alle goden die Macedonië en de rest van Griekenland bezitten, in de aanwezigheid van alle goden van het leger die presideren over deze eed.
Met al die goden moeten we er zeker van zijn dat ze het menen.

Boekentip voor vandaag:
Polybius, The Rise of the Roman Empire

donderdag 11 april 2013

De man die Hannibal berispte

Eén van de grote vragen rond de veldtocht van de Carthaagse generaal Hannibal Barca (247 - 183 v.Chr.) is waarom hij na de hier reeds besproken Slag bij Cannae in 216 v.Chr. niet direct naar Rome ging om de stad te veroveren. Het Romeinse leger was compleet afgeslacht, alsmede een groot deel van het potentieel aan generaals om opgetrommelde vervangers te kunnen leiden. In zijn uitstekende podcast over Hannibal besteedde host Jamie Redfern al eens een special aan deze opvallende beslissing.

Er was ook een special over de te nemen beslissing in het Carthaagse kamp. Gaan we Rome belegeren? Volgens de Romeinse geschiedschrijver Titus Livius (59 v.Chr. - 17 n.Chr.) was het geen uitgemaakte zaak wat de Carthagers gingen doen en er kwam een meeting bijeen. Het ene kamp was voorstander van een pauze voor de soldaten om te herstellen en vervolgens een volgende stap te zetten. Hannibal's cavaleriecommandant Maharbal was een grote voorstander van direct handelen. Hannibal stelde voor er een nachtje over te slapen voor hij een definitieve beslissing zou nemen. Dit is wat Maharbal zei volgens Livius (Vanaf de Stichting van de Stad 22.51.4):
Toen zei Maharbal: In alle eerlijkheid geven de goden dezelfde man niet alle talenten. Je weet hoe je een overwinning kunt behalen, Hannibal; je weet niet hoe je er een kunt gebruiken." Die vertraging van een dag wordt algemeen beschouwd als de redding van de stad en het rijk.
Hannibal ging uiteindelijk niet naar Rome en de kansen in de oorlog sloegen langzaam om. Of dat niet was gebeurd als Maharbal Hannibal had kunnen overtuigen, dat zullen we nooit weten, maar misschien is dit wel zo'n moment waar de geschiedenis er heel anders uit had kunnen zien als het net anders was gegaan. Dat maakt Hannibal misschien wel zo interessant.

Boekentip voor vandaag:
Livius, History of Rome

vrijdag 14 december 2012

Wie is de grootste generaal aller tijden?

De vraag wie de grootste generaal aller tijden is, is vaak voer voor interessante discussies onder geïnteresseerden en historici. Hoe vergelijk je Napoleon en Montgomery? Wie was beter, Djenghis Khan of Caesar? Kun je uren over doorgaan en er is geen definitief antwoord te geven. Hoe bepaal je wanneer iemand een goede generaal is? Als een geniaal generaal iets tegenkomt wat hij niet had kunnen voorzien en daardoor verliest, is hij dan nog steeds geniaal? Dat Tom Middendorp nu korte metten zou maken met Caesar, dat zegt vermoedelijk meer over de technologie dan over de generaal.

Deze interessante vraag kwam in de Oudheid ook voor in een gesprek tussen twee mensen die weten waar ze het over hebben, namelijk twee van de grootste legeraanvoerders uit de geschiedenis, Hannibal (247 - 183 v.Chr.) uit Carthago en zijn grote tegenstander Publius Cornelius Scipio Africanus (236 - 183 v.Chr.). Scipio had Hannibal verslagen in de Tweede Punische Oorlog (218 - 201 v.Chr.) waar Hannibal veel indruk had gemaakt door zijn tactische genie (zie hier, hier en hier voor voorbeelden).

Na de Tweede Punische Oorlog werd Hannibal verbannen uit Carthago en vond hij asiel bij koning Antiochus de Grote (241 - 187 v.Chr.) van Syrië. Later raakte hij in gesprek met Scipio. De Griekse biograaf Plutarchus (±46 - minstens 120 n.Chr.) vertelt over het gesprek tussen deze twee legerleiders (Titus Flamininus 21.3-4):
Men zegt verder dat de twee [Scipio en Hannibal] elkaar weer tegenkwamen in Ephesus [West-Turkije] en dat ten eerste, toen ze samen rondliepen, Hannibal aan de kant liep die eerder behoorde aan Scipio, de grotere, dat Scipio dit pikte en doorliep zonder er veel aandacht aan te besteden; en nogmaals, toen ze zich bezighielden met het bespreken van generaals en Hannibal zei dat Alexander [de Grote] de grootste van alle generaals was, Pyrrhus tweede en hijzelf derde, vroeg Scipio met een glimlach: "En wat zou je gezegd hebben als ik je niet had overwonnen?" Waarop Hannibal antwoordde: "In dat geval, Scipio, zou ik mezelf geen derde, maar eerste van de generaals rekenen."
Interessante discussie. Volgens Plutarchus hadden deze vijanden toch wel respect voor elkaar. Hannibal geeft daarnaast wel aan dat hij zelf de grotere generaal is, maar als hij zou hebben gewonnen, was hij nog groter dan Alexander. Wat zegt dit over Scipio?

Boekentip voor vandaag:
Plutarchus, Lives of Noble Grecians and Romans
Adrian Goldsworthy, The Fall of Carthage

dinsdag 4 december 2012

Een duwtje in de rug richting bijna-doem

Het is alweer bijna drie maanden geleden sinds het genie van de Carthaagse generaal Hannibal (247 - 183 v.Chr.) aan bod gekomen is. Eigenlijk is dat ook wel toepasselijk, want tijdens de Tweede Punische Oorlog  (218  - 201 v.Chr.) tegen de troepen van Hannibal kwam in Rome iemand aan de macht die de geschiedenis in is gegaan als Cunctator ("de Twijfelaar"). Zijn naam was Quintus Fabius Maximus (±275 - 203 v.Chr.). Er gebeurde simpelweg bijna niets dat het vermelden waard was.

Als dictator besloot Fabius om niets te doen en Hannibal en zijn troepen te laten uitrazen. Hannibal had al een aantal Romeinse legers in de val gelokt en dat zou Fabius niet overkomen, dus besloot hij een tactiek te hanteren die later de Fabische strategie werd genoemd: voorkom een confrontatie. Deze handelswijze mag de Romeinen hebben gered, maar staat haaks op de Romeinse moraal. Romeinen verachtten lafheid en met een beetje kwade wil valt Fabius' voorzichtigheid als lafheid te kenschetsen. Er ontstond steeds meer weerzin tegen de dictator en zijn positie verzwakte. Hannibal - het zal weer eens niet - begreep dit en wist hier op in te spelen door een slinkse suggestie. De Griekse biograaf Plutarchus (±46 - minstens 120 n.Chr.) vertelt in zijn biografie van Fabius (Fabius Maximus 7:2-3):
Hannibal beval om meer wrok bij de Romeinen jegens Fabius te ontvlammen, toen hij bij diens landbezit aankwam, al het andere te verbranden en te verwoersten, maar deze [het landbezit van Fabius] te sparen. Hij zette zelfs een wacht op die niet tolereerde dat iemand het land wat aandeed of er wat van nam. Toen dit gerapporteerd werd in Rome, bracht het meer haat jegens Fabius. De volkstribunen [belangrijke politieke functionarissen] bleven hem constant veroordelen, vooral op aandringen van Metilius; niet dat Metilius Fabius haatte, maar hij was familie van Minucius, de Meester van de Paarden [de rechterhand van een dictator] en hij dacht dat de karaktermoord van de een roem voor de ander betekende.
Zoals gewoonlijk liepen de Romeinen met open ogen in de val van Hannibal, namen geruchten over een geheime afspraak tussen Hannibal en Fabius voor waar aan en stelden de agressievere Minucius aan als mede-dictator. Bij de volgende veldslag was het Fabius die zijn collega nog redde en hierdoor kon hij zijn periode als dictator positief afsluiten. Deze anekdote zegt echter heel veel over de Romeinse volksaard en de manier van beslissingen nemen. Romeinen waren vechters en konden niet voorzichtig zijn. Daarnaast was de politieke arena een slangenkuil waar politici en hun families elkaar vliegen afvingen, soms tot Rome er bijna aan onderdoor ging.

Boekentip voor vandaag:
Plutarchus, Lives of Pericles and Fabius Maximus, Nicias and Crassus
C. King, The Cunctator: How Fabius Maximus Saved Rome (kindle)

  

vrijdag 7 september 2012

Romeinen lokken: Cannae

De Tweede Punische Oorlog (218 - 201 v.Chr.) is ruim een maand niet aan bod gekomen en dat is lang genoeg zonder de Carthaagse generaal Hannibal (247 - 183 v.Chr.). Vandaag gaat het over de Slag bij Cannae in 216 v.Chr., misschien wel Hannibal's grootste prestatie. Het is met name deze veldslag geweest die Hannibal de gevreesde generaal gemaakt heeft die hij tot eeuwen na zijn dood voor Rome was. De Carthagers hakten bij Cannae namelijk een veel groter Romeins leger volledig in de pan en dat hebben ze onthouden.

De Carthagers vochten volgens de historicus Polybius (203 - 120 v.Chr.) op met een leger met soldaten uit allerlei regio's: naakt vechtende Kelten, zwaar bewapende Afrikanen, Spanjaarden in dunne linnen kleding. De Romeinen vochten met het grootste leger dat ze ooit op de been hadden gebracht (Polybius, Romeinse Geschiedenis III.107.9-15). Dit ging ergens om!

Hannibal gebruikte (zoals van hem verwacht kan worden als je Polybius leest) een geniale tactiek om de Romeinen te verslaan. Hij stelde zijn gevechtslijn in met het centrum vóór de vleugels en liet daar zijn zwakkere Keltische soldaten strijden. De Romeinen kregen daar de overhand en stuurden steeds meer soldaten naar het centrum om bij te springen. Polybius vertelt (Romeinse Geschiedenis III.115):
De Romeinse formaties die hen [het centrum van het Carthaagse leger] vol overgave achtervolgden, drongen eenvoudig door in het vijandelijke front, omdat de  Kelten waren opgesteld in een dunne lijn en zij zelf vanuit de vleugels naar het centrum gingen omdat daar de gevechten plaatsvonden. Het centrum en de vleugels van de Carthagers kwamen niet tegelijkertijd in actie - het was het centrum dat als eerst aan de slag kon omdat de Kelten waren geplaatst in een maanvormige formatie die hen voor de vleugels plaatste en zo in de bolling van de lijn die het dichtste bij de vijand stond. Omdat de Romeinen echter de Kelten achtervolgen de lijn in tegen het front dat zich terug trekte, penetreerden zij zo diep in de lijn dat ze beide contingenten van zware Afrikaanse infanterie in hun flank hadden. Op dit punt draaide de Afrikaanse infanterie aan de rechterflank naar links terwijl zij op de linkervleugel tegelijkertijd naar rechts draaiden en de op dezelfde manier gingen aanvallen, in beide gevallen reagerend op de noodzaak van het moment. Het resultaat was precies wat Hannibal gepland had: de Romeinen waren gevangen tussen de twee divisies van Afrikanen, omdat ze zich te ver lieten leiden in de achtervolging op de Kelten. Ze konden niet langer hun manipel-formatie houden en werden gedwongen om naar beide kanten te draaien in hun eentje of per rij om zichzelf te beschermen tegen de vijand die hen aanviel in de flank.
De Romeinen kregen het heel moeilijk in deze situatie. Zeker ook omdat de Romeinse cavalerie onder de voet werd gelopen door de sterkere Carthaagse. De rug van de Romeinse formatie werd vakkundig afgesloten waardoor ze nergens meer heen konden in massaal werden afgeslacht.

Voor de liefhebbers, History zond ooit een stukje uit over deze veldslag waar Polybius' beeld grafisch gemaakt wordt:

dinsdag 31 juli 2012

Hannibal's haarstijl

Het zal de lezer van dit blog niet zijn ontgaan dat de Carthaagse veldheer Hannibal (247 - 183 v.Chr.) één van mijn favoriete historische personen is. Dit omdat hij uit de bronnen naar voren komt als een man met een neusje voor het geniale en onverwachte. Hij zal nog vaak genoeg de revue passeren met slagformaties en strategische trucs, maar vandaag komen we een Hannibal tegen die op zijn hoede is. 


De Griekse geschiedschrijver Polybius (203 - 120 v.Chr.) verhaalt namelijk over een episode in de Tweede Punische Oorlog (218 - 201 v.Chr.) waar Hannibal en zijn leger na de overwinning bij de Trebia oprukken in de richting van Rome en daarbij verschillende legertjes van overwonnen volkeren aan hun leger toevoegden. De Kelten uit Noord-Italië stonden alleen niet als loyaal te boek. Hannibal vreesde voor zijn leven en bedacht iets. Polybius vertelt (Romeinse Geschiedenis 3.78.3-4):
Omdat hij de wispelturigheid van de Kelten en mogelijke aanslagen op zijn leven vreesde, omdat de vriendschappelijke relaties met hen nog zo recent waren, liet hij een aantal pruiken maken, geverfd om te passen bij het uiterlijk van personen van uiteenlopende leeftijden, en hij bleef ze constant wisselen, terwijl hij tegelijkertijd ook een kledingstijl aanmat die paste bij de pruik, zodat niet alleen degenen die hem even een moment hadden gezien, maar ook zij die hem kenden, moeite hadden om hem te herkennen.

woensdag 25 juli 2012

Op een lege maag: Trebia

De Carthaagse generaal Hannibal (247 - 183 v.Chr.) is in dit blog al eerder aan bod gekomen. Zijn vindingrijk in logistiek en oorlogsvoering kennen geen gelijke. De Romeinen kregen daar nog een aantal keer mee te maken tijdens de Tweede Punische Oorlog (218 - 201 v.Chr.). Aan het begin van de oorlog, toen Hannibal net de Alpen overgestoken was, was één van de Romeinse consuls, Tiberius Sempronius Longus (±260 - 210 v.Chr.) net met zijn aangekomen na een mars van 40 dagen naar de Po-vallei. Het was toen hartje winter. Longus kwam daar met één doel: de strijd beslissen in het voordeel van de Romeinen en hij had daarvoor een groot leger tot zijn beschikking.


De Griekse geschiedschrijver Polybius (203 - 120 v.Chr.) beschrijft wat Hannibal deed toen hij achter de plannen van Longus kwam (Romeinse Geschiedenis III.71.1):
Hij had een plaats tussen de twee kampen opgemerkt die vlak en boomloos was, maar wel voor een hinderlaag gebruikt kon worden omdat het doorkruist werd door een waterloop met steile oevers en dichtbegroeid was door braambessen en andere stekelige planten; hij stelde een strategie voor om de vijand hier te verrassen.
Het idee was om het Romeinse leger uit de tent te lokken en vervolgens in een hinderlaag te laten lopen op deze plek. Maar hij dacht verder. Het was erg koud en het sneeuwde af en toe en wat je dan écht nodig hebt, dat is een fatsoenlijk ontbijt voor man en paard. Dus stonden de Carthagers die morgen vroeg op en gebruikten een ontbijt, alvorens ze de Romeinen opzochten, die daarvan niet op voorhand op de hoogte waren gesteld. Polybius vertelt (Romeinense Geschiedenis III.72.3-6)
De tijd van het jaar was rond de winter-zonnewende [eind december] en de dag was verschrikkelijk koud en sneeuwig toen bijna alle mannen en paarden het kamp verlieten zonder eerst hun ochtendmaaltijd te hebben gehad. In het begin hield hen enthousiasme hen op de been, maar toen ze de Trebia [rivier], die hoog stond vanwege de regen die die nacht hoger in de vallei dan waar de legers waren, was gevallen, moesten oversteken, had de infanterie daar grote moeite mee omdat het water borst-hoog stond. Gevolg was dat het hele leger leed onder de kou en ook van de honger, omdat de dag voortliep. De Carthagers, daarentegen, die in hun tenten hadden gegeten en gedronken en die hun paarden hadden verzorgd, zaten zich te zalven en te bewapenen rond hun vuren.
 Deze slag liep uit op een slachting onder de Romeinen.

zondag 3 juni 2012

Met olifanten over de Rhône

De Tweede Punische Oorlog (218 - 201 v.Chr.) is misschien wel de oorlog die het meest tot de verbeelding spreekt uit de hele geschiedenis, in ieder geval wel voor mij. Dit conflict tussen de Romeinen en de Carthagers is vooral bekend geworden om de tocht over de Alpen met olifanten die Hannibal (247 - 183 v.Chr.), de generaal van Carthago had ondernomen. Deze episode zal vast en zeker een keer aan bod komen, maar vandaag is de aandacht voor een andere overtocht, namelijk die over de rivier de Rhône in Zuid-Frankrijk. Het punt is namelijk dat de olifanten niet aan de voet van de Alpen opdoken, maar vanuit de Carthaagse gebieden in Spanje mee waren genomen. Onderweg moest de rivier overgestoken worden. De Griekse geschiedschrijver Polybius (203 - 120 v.Chr.) vertelt in mijn langste citaat tot nu toe hoe Hannibal dit karwei aanvloog (Romeinse Geschiedenis 3.46):
Ze bouwden een aantal zeer stevige vlotten en bonden twee daarvan aan elkaar en legden ze stevig vast aan de oever van de rivier. Hun gezamenlijke breedte was ongeveer dertig voet. Daaraan bonden ze anderen vast aan de andere kant, waarmee ze de brug verder de stroom in verlengden. Ze versterkten de kant die op de stroming stond met kabels die ze vast zetten aan bomen die op de oever groeiden, waardoor de hele structuur op zijn plek kon blijven liggen en niet zou verschuiven door de stroming. Toen ze de hele brug of pier van vlotten van ongeveer tweehonderd voet lang hadden gemaakt, bonden ze deze vast aan het einde van twee hele compacte vlotten die heel stevig aan elkaar waren vastgebonden , maar met de rest op zo'n manier dat de touwen eenvoudig konden worden doorgesneden. Daaraan bevestigden ze een aantal sleepkabels waarmee boten hen moesten vasthouden om te voorkomen dat ze stroomafwaarts werden meegesleurd en om ze tegen de stroming op hun plaats te houden, waardoor de olifanten die erop stonden konden worden vervoerd. Vervolgens gooiden ze een hoeveelheid aarde op de hele rij vlotten, totdat het geheel op dezelfde hoogte als het pad dat naar de oever leidde lag en erop leek. De olifanten waren gewend om hun olifantendrijvers te gehoorzamen tot aan het water, maar zouden nooit het water in gaan en ze dreven hen over de aarden brug met twee vrouwtjes op kop, die ze gehoorzaam volgden.
Zodra ze het laatste vlot hadden betreden, werden de touwen die het met de rest verbond, doorgesneden. trokken de boten de sleepkabels strak en de het vlot met de olifanten erop werd snel weggetrokken van de berg aarde. Hierdoor raakten de dieren in paniek en draaiden zich eerst om en begonnen in alle richtingen te lopen, maar omdat ze omringd waren door de stroming bracht hun angst hen ertoe rustig te blijven. Op die manier, en door een continue toevoer van nieuwe vlotten aan de andere kant van het ponton, kregen zij het voor elkaar de meeste olifanten eroverheen te krijgen, maar sommigen werden dermate gegrepen door angst, dat zijin de rivier sprongen toen ze halverwege waren. De menners van deze olifanten verdronken allemaal, maar de olifanten zelf werden gered, omdat ze door de kracht en lengte van hun slurf in staat waren om boven water te blijven en erdoor te ademen en ook om al het water dan in hun mond kwam, via de slurf uit te spuiten. Op die manier overleefden de meeste van hen en staken te voet de rivier over.
Dit moet een hels karwei zijn geweest, maar vindingrijk was Hannibal zeker!

maandag 5 maart 2012

Hannibal en de brandende koeien

De Romeinen waren bang. Ze waren bang voor één van de grootste militaire genieën uit de geschiedenis, voor Hannibal Barca (247 - 183 v.Chr.), de generaal uit Carthago in het tegenwoordige Tunesië, de man die zijn olifanten via Spanje over de Alpen stuurde en Rome onverwacht vanuit het Noorden bestookte. Hannibal haalde meer dan eens opmerkelijke tactieken uit zijn trukendoos en wist voor de Romeinen nogal wat zweethandjes te veroorzaken. De Romeinse geschiedschrijver Cornelius Nepos (±100 - ±25 v.Chr.) beschrijft in zijn biografie van Hannibal één van die truuks (XXIII Hannibal V.2):
Hij misleidde Fabius, een zeer bekwame commandant, want hij stak, toen de nacht gekomen was, een ​​aantal bundels van takjes in brand, bond deze vast op de hoornen van de runderen, en reed een groot aantal van die koeien her en der verspreid naar voren. De plotselinge aanblik van dit schouwspel veroorzaakte zo'n paniek in het Romeinse leger, dat niemand zich waagde te vertonen voorbij de wal.