Tot 40% extra korting op winters assortiment!
Posts tonen met het label landbouw. Alle posts tonen
Posts tonen met het label landbouw. Alle posts tonen

dinsdag 4 juni 2013

Deels rottende koe, leeft niet als een arend

Eerder deze week las ik een artikeltje over bijen en de honingraatstructuur van hun nesten. De Romeinse schrijver Marcus Terrentius Varro (116 - 27 v.Chr.), die volgens Wikipedia beter bekend is onder een andere naam die ik nog nooit gehoord heb, blijkt gelijk te hebben in zijn verklaring waarom de structuur van de honingraat hangt op zeshoeken en niet op vierkanten, driehoeken of andere vormen. In het artikeltje staat dit allemaal toegelicht en aan het einde van dit blog zal ik aangeven waar in de tekst van Varro zijn opmerkingen te vinden zijn.

Waar het vandaag over gaat, is wat Varro nog meer te vertellen had over bijen. Antieke "biologie" kan soms op een bepaalde (vaak rare) manier waar zijn, zoals we hebben gezien bij Empedocles en zijn evolutietheorie. Varro constateert met de hulp van ene Achelaus (Over Rustieke Zaken III.16.4):
Om te beginnen, bijen worden gemaakt, deels uit bijen en deels uit het rottende karkas van een os. En zo stelt Archelaus in een epigram dat ze "de zwervende kinderen van een dode" koe zijn; en dezelfde schrijver zegt: "Daar waar wespen van paarden komen, komen bijen van kalveren." Bijen leven niet in afzondering, zoals arende dat doen, maar zijn als mensen.
Het is natuurlijk raden wat Varro en Achelaus bedoelen met de opmerking dat bijen deels gemaakt zijn van rottende koeienkaskassen. Interessanter is de manier van categoriseren die we eerder hebben gezien bij de cynische opmerking van Diogenes van Sinope tegenover Plato. De bij dient volgens Varro geplaatst te worden in een andere categorie dan arenden, maar meer in die van mensen. Een heel andere manier van taxonomie dan die wij tegenwoordig toepassen.

Het stuk over de zeshoeken en een lofdicht naar de morele grootsheid van bijen ten opzichte van smerige, destructieve en laffe beesten volgt ná het hier getoonde citaat, vanaf III.16.5 in hetzelfde boek.

Boekentip voor vandaag:
Varro, On Agriculture

zaterdag 25 mei 2013

Naturisten in de natuur

Een jaar geleden besprak ik al een stukje uit een Romeinse bron met tips voor de landbouw. Vandaag aandacht voor de bekendste Griekse tekst over dit onderwerp, Werken en Dagen  van de Griekse dichter Hesiodos (8e eeuw v.Chr.). Hesiodos blijkt in conflict te zijn met zijn broer en raadt hem aan om op een andere manier aan zijn brood te komen dan dat verwerpelijke handelswezen: door landbouw. De belangrijkste tip die Hesiodos geeft, is dat je hard moet werken, al verwoordt hij het wat ongelukkig. Als je op een vruchtbaar stuk land ver van de kust leeft, moet je namelijk met allerlei dingen rekening houden (Werken en Dagen 390-397):
Kleed je uit om te zaaien, kleed je uit om te ploegen en kleed je uit om te oogsten als je op zijn tijd alle vruchten van Demeter binnen wilt halen en dan iedere soort in zijn seizoen zal groeien. Anders kun je achteraf het risico lopen iets te kort te komen en moet je bij anderen aankloppen om te smeken, maar zonder resultaat, omdat je al bij mij langs geweest bent.
Tsja, dat krijg je als je niet naakt het land bewerkt!

Boekentip voor vandaag:
Hesiodos, Theogony And Works And Days

woensdag 17 april 2013

Die arme bediende!

Ruim een halfjaar geleden kwam de verruwing van het Romeinse politieke klimaat al eens aan de orde toen de broers Tiberius (gestorven in 133 v.Chr.) en Gaius Sempronius Gracchus (154 - 121 v.Chr.) slachtoffer werden van een politieke moord. Vandaag gaan we een stapje terug in de tijd. De landverdeling-kwestie waar de Gracchen zich sterk voor maakten, was een heet hangijzer in de Romeinse politiek en discussie werd breed gevoerd in de samenleving. Niet alleen met woorden.

Volgens de Griekse historicus Appianus (±95 - ±165 v.Chr.) was een deel van de strategie van de tegenstanders van Gracchus' hervormingsplannen om ervoor te zorgen dat deze niet ter sprake zouden komen in de vergaderingen en al helemaal niet aan stemming onderworpen zouden worden. Eén van de tegenstanders was de volkstribuut Marcus Octavius, die net als Tiberius Gracchus (die ook volkstribuun was) vetorecht had en daarmee de politieke besluitvorming verregaand kon beïnvloeden. Appianus vertelt hoe zij het een bediende behoorlijk moeilijk maakten (Romeinsen Geschiedenis I.11-12):
[...][Gracchus] beval een bediende de voorgestelde wet voor te lezen. Maar Marcus Octavius, één van de andere tribunen die door de landeigenaren was aangewezen om de procedure te stoppen (want bij de Romeinen wint een veto het altijd van een voorstel), beval de klerk zijn mond te houden. Hierop stelde Gracchus, na het uiten van zware verbale aanvallen aan zijn adres, om de stemming uit te stellen tot de volgende bijeenkomst van de vergadering [...gedeelte ontbreekt...] en nadat hij een wachter naast hem had opgesteld die voldoende zou moeten zijn om Octavius te temmen, zelfs als hij zich verweerde, bedreigde hij de bediende en beval hem om de wet aan het publiek voor te lezen. De bediende begon te lezen, maar hij stopte toen Octavius hem dat beval .
Ze zeggen wel eens dat de politiek verruwt. Laten we zeggen dat dit niets nieuws is.

Boekentip voor vandaag:
Appianus, The Civil Wars

dinsdag 11 september 2012

Het L-woord en de hypotheekrenteaftrek

Morgen zijn de verkiezingen en de vraag hoe de Nederlandse overheid de financiën onder controle krijgt, is één van de belangrijke vragen waar politici om over elkaar heen vallen. Belastingen omhoog? Uitgaven omlaag? Ontslagen? Gasbaten? En uit de taboesfeer is opgekomen; het H-woord, hypotheekrenteafrek is bespreekbaar.

In de late Romeinse Republiek was er geen H-woord, maar wel een andere taboekwestie, landhervormingen. Veruit het grootste deel van het bebouwbare land in Italië was in het bezit van een kleine groep rijken. Grote groepen mensen waren nauwelijks in staat om hun hoofd boven water te houden omdat ze geen bebouwbaar land bezaten en dus niet eenvoudig aan eten konden komen. Dit leverde vaak onrust op.

Om de zoveel tijd werd voorgesteld om het grootgrondbezit van de rijken aan banden te leggen en de armen de gelegenheid te bieden een stukje grond te verbouwen en zo hun bestaanszekerheid te geven. Probleem was alleen dat de besturende elite juist bestond uit die rijken. Zij waren mordicus tegen het ontnemen van hun land, maar konden moeilijk tegen stemmen, want de Romeinse aristocraten waren voor hun positie voor een groot gedeelte afhankelijk van de steun van het gewone volk en die hadden juist belang bij landhervormingen. Als je niet voor wilt stemmen of tegen kunt stemmen, kun je maar één ding: zorgen dat er niet gestemd werd.

In deze kwestie zijn twee namen zeer belangrijk: de broers Tiberius (gestorven in 133 v.Chr.) en Gaius Sempronius Gracchus (154 - 121 v.Chr.). Zij probeerden de zaak aan het rollen te brengen door grenzen te stellen aan landbezit per persoon. De aristocraten moesten iets doen om ze de mond te snoeren. De Griekse geschiedschrijver Appianus van Alexandrië (±95 - ±165 v.Chr.) beschrijft in zijn boek over de crisis van de Romeinse Republiek hoe Tiberius Gracchus aan zijn einde kwam (Romeinse Geschiedenis I.16)
De eerste van hen [de senatoren], die hen aanvoerde, was de Hogepriester Cornelius Scipio Nasica; hij riep dat zij die het land wilden redden, hem moesten volgen en wierp de kraag van zijn toga over zijn hoofd. [...] Toen hij [Nasica] bij het heiligdom aankwam en op de Gracchen [Tiberius en zijn aanhangers] kwam afstormen, maakten zij plaats omdat ze zo'n voorname man respecteerden en zagen dat de senatoren hem volgden. Maar laatstgenoemden rukten de staven uit de handen van de Gracchen [...] en begonnen hen te slaan en te achtervolgen en van af afgrond te drijven. In het tumult stierven vele Gracchen en Gracchus zélf in de val in de tempel, werd gedood bij de deur vlakbij de standbeelden van de koningen. Alle lichamen werden in de Tiber gegooid.
Het was duidelijk dat landhervormingen niet op de agenda moesten komen. Gaius Gracchus probeerde later een vergelijkbare doorbraak te forceren, maar ook hij overleefde het niet. Na zijn dood besloot de consul Lucius Opimius Rome verder te zuiveren van dit soort elementen. De moord op de gebroeders Gracchus om deze politiek gevoelige kwestie wordt veelal gezien als de eerste politieke moord in de Westerse geschiedenis. Hopelijk roept het H-woord dit soort zaken niet op!

maandag 14 mei 2012

Onkruid vergaat niet vanzelf

Twee dagen geleden kwam de Lex Claudia aan bod die senatoren verbood handel te drijven. Dit betekende in de praktijk dat de meeste senatoren zich gingen/bleven bezig houden met grootgrondbezit en landbouw. Landbouw was een zeer respectabele manier om aan je inkomsten te komen en het was bovendien goed mogelijk er heel veel mee te verdienen, maar dan moesten wel een aantal voorschriften in acht genomen worden. Die voorschriften werden door de grote epische dichter Vergilius beschreven in zijn werk Georgica, een handboek voor landbouw. Nadat hij kort uitlegt wat de voordelen van crop rotation zijn, komt hij met een aantal gouden tips: (Georgica 1.153-159):
Als u niet voortdurend met uw hark achter het onkruid aan zit, met geschreeuw de vogels wegjaagt, met het snoeimes het schaduwrijke gebladerte dat uw land verduistert, snoeit en met gebeden de regen afsmeekt - helaas! Dan zult u nog eens teleurgesteld naar andermans opgetaste voorraad staan te kijken en in de bossen uw honger proberen te stillen door aan eiken te schudden!
Hou je land dus goed bij en zorg dat de vogels uit de buurt blijven, want voor je het weet zit je eikels te rapen om in leven te blijven! Gouden tip! En in het Latijn (onderste regels) volgt het nog een mooi metrum ook!